Angeliq

Angeliq

Angeliq is een hormoonsuppletietherapie (HST). Het bevat twee typen vrouwelijke hormonen: een oestrogeen en een progestageen.  Dit middel is bedoeld voor vrouwen na de overgang die ten minste 1 jaar geen natuurlijke menstruatie meer hebben gehad. Meer info

Let op! De kosten van een eventueel voorgeschreven behandeling zijn niet inbegrepen in de consultkosten.

Dokteronline.com regelt of verkoopt geen medicijnen. Op uw verzoek regelen wij voor u een consult met een geregistreerde onafhankelijke EU-arts. Aan de hand van uw antwoorden op de online medische vragenlijst en de door u opgegeven voorkeuren, beoordeelt deze arts of aan u een recept voor een medische behandeling mag worden uitgeschreven.

Bijsluiter(s)

1. Wat is Angeliq en waarvoor wordt dit middel gebruikt? 

Angeliq is een hormoonsuppletietherapie (HST). Het bevat twee typen vrouwelijke hormonen: een oestrogeen en een progestageen.  Dit middel is bedoeld voor vrouwen na de overgang die ten minste 1 jaar geen natuurlijke menstruatie meer hebben gehad. 
 
Dit middel wordt gebruikt voor: 
 
Verlichting van klachten na de overgang 

Tijdens de overgang neemt de hoeveelheid oestrogenen in het vrouwelijk lichaam sterk af. Hierdoor kunt u klachten krijgen als een warm gevoel in het gezicht, de hals en de borst (‘opvliegers’). Dit middel verlicht deze klachten na de overgang. U krijgt dit middel alleen voorgeschreven als uw klachten belangrijke beperkingen geven in het dagelijks functioneren. 
 
Ter voorkoming van botontkalking 
Na de overgang kunnen sommige vrouwen broze botten krijgen (osteoporose). Uw arts zal de verschillende behandelingen met u bespreken. 
Als u een verhoogd risico heeft op botbreuken als gevolg van botontkalking en andere middelen zijn voor u niet geschikt, dan kunt u dit middel gebruiken om botontkalking na de overgang te voorkomen. 

2. Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn? 

Medische geschiedenis en regelmatige controle 
Het is belangrijk de risico’s van hormoonsuppletietherapie (HST) af te wegen tegen de voordelen alvorens te beginnen met dit middel of te besluiten hiermee door te gaan.  
 
Er is beperkte ervaring met het behandelen van vrouwen met een vroegtijdige menopauze (door problemen met de eierstokken of na een operatie). Als u een vroegtijdige menopauze heeft, dan kunnen de risico’s van HST-gebruik anders zijn. Bespreek dit met uw arts. 
 
Voordat u begint (of opnieuw begint) met hormoonsuppletietherapie (HST), zal uw arts u een aantal vragen stellen over uw medische voorgeschiedenis en die van uw familie. Het kan zijn dat uw arts besluit u lichamelijk te onderzoeken en, indien nodig, borstonderzoek en/of inwendig onderzoek uitvoert.  
 
Wanneer u bent begonnen met dit middel moet u regelmatige controles ondergaan (tenminste één keer per jaar). Gedurende deze controles zal uw arts de voordelen en de risico’s van het doorgaan met de behandeling met dit middel met u bespreken. 
 
Laat regelmatig borstonderzoek uitvoeren, volgens het advies van uw arts.      
 
Wanneer mag u dit middel niet gebruiken? 
Als één van de onderstaande situaties op u van toepassing is, mag u dit middel niet gebruiken. Als u twijfelt, overleg dan eerst met uw arts voordat de behandeling gestart wordt. 
 
Gebruik dit middel niet: 
•    als u borstkanker heeft of heeft gehad, of als borstkanker bij u vermoed wordt 
•    als u een kwaadaardig gezwel heeft dat gevoelig is voor oestrogeen (bijv. een gezwel van het baarmoederslijmvlies), of als er een vermoeden is dat u dit heeft 
•    als u vaginale bloedingen heeft waarvan de oorzaak niet is vastgesteld 
•    als u abnormale groei van het baarmoederslijmvlies (endometriumhyperplasie) heeft en u hiervoor nog niet wordt behandeld 
•    als u een bloedstolsel in een ader (trombose) heeft of ooit heeft gehad, zoals in de benen (diepe veneuze trombose) of in de longen (longembolie) 
•    als u een bloedstollingsziekte heeft (zoals proteïne C-, proteïne S-, of antitrombine-deficiëntie)  
•    als u kort geleden een verstopping in een slagader heeft gehad of als u dit nu heeft, zoals een hartaanval, beroerte of angina pectoris (hevige pijn op de borst als gevolg van zuurstoftekort) 
•    als u een leverziekte heeft of ooit heeft gehad en uw leverfunctie nog niet hersteld is 
•     als u een aangeboren stoornis heeft in de aanmaak van de rode bloedkleurstof (porfyrie) 
•    als u lijdt aan een ernstige nierziekte of acuut nierfalen (plotselinge uitval van de nierwerking) 
•    als u allergisch bent voor één van de stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6. 
 
- Als u één van de bovenstaande aandoeningen voor het eerst krijgt terwijl u dit middel gebruikt, moet u direct stoppen met het gebruik en contact opnemen met uw arts. 
 
Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel? 
 
Neem contact op met uw arts voordat u dit middel gebruikt. Voordat u begint met de behandeling moet u uw arts inlichten als u last heeft of heeft gehad van één van de onderstaande aandoeningen, omdat deze kunnen terugkeren of verergeren tijdens de behandeling met dit middel. Als dit het geval is, moet u vaker langs uw arts voor controle: 
 
•    een goedaardig gezwel in de baarmoeder (ook wel ‘vleesboom’ genoemd)  
•    een afwijking waarbij het baarmoederslijmvlies zich ook op plaatsen buiten de baarmoeder bevindt (endometriose) 
•    abnormale groei van het baarmoederslijmvlies (endometriumhyperplasie) 
•    een verhoogde kans op bloedstolsels (zie ‘Bloedstolsel in een ader (trombose)’) 
•    een verhoogde kans op oestrogeengevoelige kanker (bijv. wanneer uw moeder, zus of grootmoeder borstkanker heeft gehad) 
•    een verhoogde bloeddruk 
•    een leveraandoening, zoals een goedaardig levergezwel 
•    suikerziekte (diabetes) 
•    galstenen 
•    migraine of ernstige hoofdpijn 
•    systemische lupus erythematodes (SLE; een bepaalde aandoening van het afweersysteem die op veel plaatsen in het lichaam kan voorkomen) 
•    epilepsie 
•    astma 
•    een ooraandoening met gehoorverlies (otosclerose)
•    een verhoogd vetgehalte in uw bloed (triglyceriden)
•    vochtophoping als gevolg van hart- of nierproblemen. 
 
Stop direct met het gebruik van dit middel en neem contact op met uw arts 
 
Als één van de volgende situaties optreedt: 
-    één van de aandoeningen onder ‘Wanneer mag u dit middel niet gebruiken?’ 
-    gele verkleuring van de huid of het oogwit (geelzucht). Dit kan een teken zijn van een leveraandoening 
-    een sterke stijging van uw bloeddruk (verschijnselen zijn o.a. hoofdpijn, vermoeidheid en duizeligheid) 
-    migraineachtige hoofdpijn die u voor het eerst krijgt 
-    u raakt zwanger 
-    u bemerkt tekenen van een bloedstolsel, zoals: 
• pijnlijke zwelling en roodheid van de benen
• plotselinge pijn op de borst
• moeite met ademhalen. 
Voor meer informatie, zie ‘Bloedstolsel in een ader (trombose)’. 
 
Let op: dit middel is geen voorbehoedsmiddel. Als u minder dan 12 maanden geleden nog een menstruatie heeft gehad of u bent jonger dan 50 jaar, moet u wellicht nog steeds anticonceptiemiddelen gebruiken om zwangerschap te voorkomen. Vraag uw arts om advies. 
 
Dit middel en kanker 
 
Abnormale groei van het baarmoederslijmvlies (endometriumhyperplasie) en kanker van het baarmoederslijmvlies (endometriumkanker) 

 
Gebruik van HST met alleen oestrogeen verhoogt de kans op abnormale groei van het baarmoederslijmvlies (endometriumhyperplasie) en kanker van het baarmoederslijmvlies (endometriumkanker). Het hormoon progestageen in dit middel beschermt tegen dit extra risico. 
 
Onregelmatig bloedverlies 

 
U kunt tijdens de eerste 3-6 maanden van de behandeling onregelmatige bloedingen krijgen of kleine hoeveelheden bloed verliezen (‘spotting’). Wanneer het onregelmatige bloedverlies echter 
•    langer dan de eerste 6 maanden aanhoudt  
•    begint nadat u dit middel al meer dan 6 maanden gebruikt 
•    aanhoudt nadat u gestopt bent met dit middel moet u zo spoedig mogelijk contact opnemen met uw arts. 
 
Borstkanker 
 

Uit onderzoek is gebleken dat HST met oestrogeen-progestageencombinaties en wellicht ook met alleen oestrogeen, de kans op borstkanker vergroot. Dit extra risico is afhankelijk van de duur van de behandeling. Het verhoogde risico treedt op na een aantal jaren behandeling. Na het stoppen van de behandeling neemt het risico weer af en is na een aantal jaar (hooguit 5 jaar) niet meer verhoogd. 
 
Vergelijking 
Van de vrouwen tussen de 50 en 79 jaar die geen HST gebruiken, krijgen er in een periode van 5 jaar gemiddeld 9 tot 17 per 1000 borstkanker. 
Onder vrouwen tussen de 50 en 79 jaar die meer dan 5 jaar HST met oestrogeen en progestageen gebruiken, zijn er tussen de 13 en 23 gevallen per 1000 gebruikers (d.w.z. 4 tot 6 extra gevallen per 1000). 
 
-     Controleer uw borsten regelmatig. Neem contact op  met uw arts als u enige verandering bemerkt, zoals: 
•    vorming van kuiltjes in de huid 
•    veranderingen van de tepel 
•    knobbeltjes die u kunt zien of voelen. 
 
Ook wordt u geadviseerd om deel te nemen aan mammografie-bevolkingsonderzoeken 
(bevolkingsonderzoek borstkanker) wanneer u hiervoor wordt uitgenodigd. Wanneer er een mammogram gemaakt wordt is het belangrijk dat u de verpleegkundige/arts die het mammogram maakt vertelt dat u HST gebruikt. HST kan namelijk de dichtheid van het weefsel in uw borsten vergroten en hierdoor kan de uitkomst van het mammogram beïnvloed worden. Indien de dichtheid van het borstweefsel verhoogd is, kan het voorkomen dat met mammografie niet alle knobbeltjes worden opgemerkt.  
 
Eierstokkanker (Ovariumkanker) 
 
Eierstokkanker is zeldzaam, veel zeldzamer dan borstkanker. Er is een lichte toename gemeld in het risico op eierstokkanker bij het gebruik van oestrogeentherapie of een combinatie van oestrogeen/progestageen HST. 
Het risico op eierstokkanker is afhankelijk van de leeftijd. Van de vrouwen tussen de 50 en 54 jaar die geen HST gebruiken krijgen ongeveer 2 op de 2000 vrouwen in een periode van 5 jaar de diagnose eierstokkanker. Onder de vrouwen die 5 jaar HST hebben gebruikt, zijn er ongeveer 3 gevallen per 2000 gebruiksters (d.w.z. ongeveer 1 extra geval). 
 
HST en effecten op hart en bloedcirculatie 
 
Bloedstolsel in een ader (trombose) 

 
Vrouwen die HST gebruiken hebben een ongeveer 1,3 tot 3 maal grotere kans om een bloedstolsel in de aderen te krijgen dan vrouwen die geen HST gebruiken, in het bijzonder tijdens het eerste jaar van de behandeling. 
 
Een bloedstolsel kan ernstig zijn en als het in de longen terecht komt, kan het leiden tot pijn op de borst, kortademigheid, flauwvallen en zelfs overlijden. 
 
De kans op een bloedstolsel neemt toe naarmate u ouder wordt en als één van de onderstaande situaties op u van toepassing is. Informeer uw arts in de volgende gevallen: 
•    u kunt langere tijd niet lopen als gevolg van een operatie, verwonding of ziekte (zie ook rubriek 3 ‘Als u een operatie moet ondergaan’) 
•    u heeft ernstig overgewicht (BMI >30 kg/m2) 
•    u heeft een afwijking in de bloedstolling waarvoor u langdurig geneesmiddelen moet gebruiken om bloedstolsels te voorkomen 
•    een van uw naaste familieleden heeft ooit een bloedstolsel gehad in de benen, longen of een ander orgaan 
•    u heeft systemische lupus erythematodes (SLE) 
•    u heeft kanker.  
 
Voor tekenen van een bloedstolsel, zie ‘Stop direct met het gebruik van dit middel en neem contact op met uw arts’. 
 
Vergelijking 
Van de vrouwen in de vijftig die geen HST gebruiken, krijgen er in een periode van 5 jaar gemiddeld 4 tot 7 op de 1000 een bloedstolsel.  
Van de vrouwen in de vijftig die meer dan 5 jaar HST met oestrogeen en progestageen gebruiken, zijn er tussen de 9 en 12 gevallen op de 1000 (d.w.z. 5 extra gevallen per 1000).  
 
Hartaandoening (hartaanval) 
 
Er zijn geen aanwijzingen dat HST een hartaanval helpt voorkomen. 
 
Vrouwen van boven de 60 jaar die HST met oestrogeen en progestageen gebruiken, hebben een iets grotere kans om een hartaandoening te krijgen dan vrouwen die geen HST gebruiken. 
 
Beroerte 
 
De kans op een beroerte is ongeveer 1,5 keer groter bij vrouwen die HST gebruiken dan bij vrouwen die geen HST gebruiken. Het aantal extra gevallen van beroerte als gevolg van HST neemt toe met een hogere leeftijd. 
 
Vergelijking  
Van de vrouwen in de vijftig die geen HST gebruiken, zullen er in een periode van 5 jaar gemiddeld 8 op de 1000 een beroerte krijgen. Onder vrouwen in de vijftig die HST gebruiken, zijn er in een periode van 5 jaar 11 gevallen van beroerte per 1000 gebruikers (d.w.z. 3 extra gevallen per 1000). 
 
Andere aandoeningen  
 
•    HST werkt niet ter voorkoming van geheugenverlies. Er zijn aanwijzingen dat er een grotere kans op geheugenverlies is bij vrouwen die na hun 65e jaar beginnen met het gebruik van HST. Vraag uw arts om advies. 
•    Als u een nieraandoening heeft en hoge kaliumwaarden in uw bloedserum, vooral als u andere geneesmiddelen gebruikt die de kaliumwaarden in uw bloedserum verhogen, kan uw arts de kaliumwaarden in uw bloed gedurende de eerste maand van de behandeling controleren. 
•    Als u een hoge bloeddruk heeft kan de behandeling met dit middel deze verlagen.  Dit middel moet niet gebruikt worden om hoge bloeddruk te behandelen. 
•    Als u last heeft van het ontstaan van kleine bruine pigmentvlekjes (chloasma) in uw gezicht dient u blootstelling aan de zon of ultraviolet licht te vermijden tijdens de behandeling met dit middel. 
 
Gebruikt u nog andere geneesmiddelen? 

 
Gebruikt u naast Angeliq nog andere geneesmiddelen, of heeft u dat kort geleden gedaan of bestaat de mogelijkheid dat u in de nabije toekomst andere geneesmiddelen gaat gebruiken? Vertel dat dan uw arts of apotheker.  
 
Sommige geneesmiddelen verminderen de werking van Angeliq, waardoor u onregelmatige bloedingen kunt krijgen. Dit geldt voor: 
•    middelen tegen epilepsie (zoals barbituraten, fenytoïne, primidon, carbamazepine, oxcarbazepine, topiramaat en felbamaat) 
•    middelen tegen tuberculose (zoals rifampicine, rifabutine) 
•    middelen tegen infecties met het hiv- en hepatitis C-virus (zogenaamde proteaseremmers en nietnucleoside reverse-transcriptaseremmers zoals nevirapine, efavirenz, nelfinavir en ritonavir)  
•    kruidenmiddelen die sintjanskruid (Hypericum perforatum) bevatten 
•    middelen voor de behandeling van schimmelinfecties (zoals griseofulvine, itraconazol, ketoconazol, voriconazol, fluconazol) 
•    middelen voor de behandeling van bacteriële infecties (zoals claritromycine, erytromycine) 
•     middelen voor de behandeling van bepaalde hartaandoeningen, hoge bloeddruk (zoals verapamil, diltiazem) 
•     grapefruitsap. 
 
De volgende geneesmiddelen kunnen kleine verhogingen van de kaliumwaarden in het bloedserum geven:
•     geneesmiddelen die gebruikt worden voor de behandeling van: 
-    ontstekingen of pijn (bijvoorbeeld aspirine, ibuprofen) 
-    bepaalde vormen van hartziekte of hoge bloeddruk (bijvoorbeeld plaspillen, ACE-remmers (bijvoorbeeld enalapril), angiotensine II-receptorantagonisten (bijvoorbeeld losartan)). Als u wordt behandeld voor hoge bloeddruk en u gebruikt Angeliq kan er een extra verlaging van de bloeddruk optreden. 
 
Vertel uw arts of apotheker indien u andere geneesmiddelen waaronder geneesmiddelen zonder recept, kruidenmiddelen en andere natuurlijke producten gebruikt of kort geleden heeft gebruikt.  
 
Laboratoriumonderzoeken  

 
Als uw bloed onderzocht wordt, moet u de arts of laborant vertellen dat u dit middel gebruikt, omdat het invloed kan hebben op de resultaten van sommige onderzoeken. 
 
Zwangerschap en borstvoeding 
 
Dit middel is bedoeld voor gebruik bij vrouwen na de menopauze (overgang). Als u zwanger wordt, stop dan meteen met het gebruik van dit middel en neem contact op met uw arts. 
 
Rijvaardigheid en het gebruik van machines 
 
Er zijn geen aanwijzingen dat het gebruik van Angeliq invloed heeft op het besturen van voertuigen of het bedienen van machines. 
 
Angeliq bevat lactose 
 
Angeliq bevat lactose (een bepaald type suiker). Als u overgevoelig bent voor sommige suikers, raadpleeg dan uw arts voordat u dit middel gebruikt. 

3. Hoe gebruikt u dit middel? 

Gebruik dit geneesmiddel altijd precies zoals uw arts u dat heeft verteld. Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem dan contact op met uw arts of apotheker. Uw arts zal beslissen hoe lang u dit middel dient te gebruiken. Uw arts geeft u een zo laag mogelijke dosis om uw klachten te behandelen, voor een zo kort mogelijke periode. Bespreek het met uw arts als de dosis volgens u te hoog of juist te laag is. 
Neem elke dag een tablet van dit middel in, het liefst op hetzelfde tijdstip. Slik de tablet in zijn geheel door 
met een beetje water. U mag de tabletten innemen met of zonder voedsel. Start met de volgende kalenderverpakking op de dag nadat u klaar bent met uw huidige verpakking. Neem geen pauze tussen de verpakkingen. 
 
Als u andere HST behandelingen heeft gebruikt: ga door met het gebruik tot u uw huidige verpakking heeft opgemaakt en u alle tabletten heeft ingenomen voor die maand. Neem uw eerste Angeliq-tablet de dag daarna. Neem geen pauze tussen uw oude tabletten en de Angeliq-tabletten. 
 
Als dit uw eerste HST behandeling is: u kunt op elke dag met dit middel beginnen. 
 
Heeft u te veel van dit middel ingenomen?  
 

Als u per ongeluk te veel tabletten van dit middel heeft ingenomen, kunt u zich misselijk voelen, kunt u overgeven of kunt u een menstruatieachtige bloeding krijgen. Er is geen specifieke behandeling nodig, maar u moet uw arts of apotheker raadplegen als u zich zorgen maakt. 
 
Bent u vergeten dit middel in te nemen? 
 
Als u bent vergeten een tablet in te nemen op het gebruikelijke tijdstip en u bent minder dan 24 uur te laat, neem dan de tablet zo snel mogelijk in. Neem de volgende tablet weer op het gebruikelijke tijdstip in. Als u meer dan 24 uur te laat bent, laat dan de vergeten tablet in de verpakking. Ga door met het gebruik van de rest van de tabletten, elke dag op het gebruikelijke tijdstip. Neem geen dubbele dosis om zo de vergeten tablet in te halen. 
 
Als u gedurende meerdere dagen vergeten bent uw tabletten in te nemen, kunt u last krijgen van onregelmatige bloedingen. 
 
Als u stopt met het gebruik van dit middel 
 
U kunt opnieuw last krijgen van de normale symptomen van de menopauze, waaronder mogelijk opvliegers, slaapproblemen, nervositeit, duizeligheid of vaginale droogheid. U zult ook beginnen met het verliezen van botmassa wanneer u stopt met het gebruik van dit middel. Raadpleeg uw arts of apotheker als u wilt stoppen met het gebruik van dit middel. Heeft u nog andere vragen over het gebruik van dit geneesmiddel? Neem dan contact op met uw arts of apotheker. 
 
Als u een operatie moet ondergaan  
 
Als u een operatie moet ondergaan, vertel dan aan de chirurg dat u dit middel gebruikt. U moet ongeveer 4 tot 6 weken voor de operatie stoppen met het gebruik van dit middel om het risico van een bloedstolsel (zie rubriek 2 ’Bloedstolsel in een ader (trombose)’) te verkleinen. Vraag het uw arts wanneer u weer kunt beginnen met het gebruik van dit middel. 

4. Mogelijke bijwerkingen

Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken. 
 
De volgende aandoeningen zijn vaker gemeld bij vrouwen die HST gebruikten dan bij vrouwen die geen HST nemen: 
•    borstkanker 
•    abnormale groei of kanker van het baarmoederslijmvlies (endometriumhyperplasie of -kanker) 
•    eierstokkanker 
•    bloedstolsel in een ader in de benen of longen (veneuze trombo-embolie) 
•    hartaandoening 
•    beroerte  
•    mogelijk geheugenverlies wanneer met HST begonnen wordt na het 65e jaar. 
 
Zie rubriek 2 voor meer informatie over deze bijwerkingen. 
 
Hieronder staat een lijst van bijwerkingen die in verband zijn gebracht met het gebruik van dit middel. 
 
Zeer vaak (komen voor bij  meer dan 1 op de 10 patiënten): 
•    onverwachte menstruatieachtige bloedingen (zie ook rubriek 2 ‘Dit middel en kanker’)  
•    gevoelige borsten
•    pijnlijke borsten. 
 
Onverwachte menstruatieachtige bloedingen komen in de eerste paar maanden van de behandeling met dit middel voor. Deze zijn meestal tijdelijk en verdwijnen normaal met het voortzetten van de behandeling. Als ze niet ophouden, neem dan contact op met uw arts. 
 
Vaak (komen voor bij minder dan 1 op de 10 patiënten):
•   depressie, stemmingsveranderingen, nervositeit 
•    hoofdpijn 
•    maagpijn, misselijkheid, vergrote maag 
•    knobbeltjes in de borsten (goedaardige gezwellen van de borsten), opgezette borsten 
•    toename in de omvang van vleesbomen (goedaardige spierweefselgezwellen in de baarmoeder) 
•    goedaardige groei van cellen in de baarmoederhals (goedaardige cervicale groei) 
•    onregelmatigheden in uw vaginale bloedingen 
•    vaginale afscheiding 
•    verlies van energie, plaatselijke vochtophoping. 
 
Soms (komen voor bij minder dan 1 op de 100 patiënten): 
•    gewichtstoename of –afname, verlies of toename van eetlust, verhoging van bloedvetten 
•    slaapproblemen, angstgevoelens, verminderde zin in seks 
•    brandend of prikkend gevoel, verminderde concentratie, duizeligheid 
•    oogproblemen (bijvoorbeeld rode ogen), zichtstoornissen (bijvoorbeeld onscherp zicht)
•    hartkloppingen 
•    bloedstolsel, veneuze trombose (zie ook rubriek 2 ‘Bloedstolsel in een ader (trombose)’), hoge bloeddruk, migraine, ontsteking van de aderen, spataderen 
•    kortademigheid 
•    maagstoornis, diarree, verstopping (obstipatie), overgeven, droge mond, winderigheid, veranderde smaakbeleving 
•    veranderde leverenzymen (dit zal naar voren komen in een bloedonderzoek) 
•    huidproblemen, acne, haarverlies, jeukende huid, overmatige haargroei 
•    rugpijn, gewrichtspijn, pijn in de ledematen, spierkrampen 
•    urinewegstoornissen en infecties 
•    borstkanker, verdikkingen van het baarmoederhalsslijmvlies, goedaardige ongebruikelijke groei in de baarmoeder, vaginale schimmelinfectie (candidiasis), vaginale droogheid en vaginale jeuk 
•    knobbeltjes in de borsten (fibrocysten), eierstok-, baarmoederhals- en baarmoederstoornissen, bekkenpijn 
•    algemene vochtophopingen, borstpijn, algeheel gevoel van malaise, toegenomen zweten. 
 
Zelden (komen voor bij minder dan 1 op de 1000 patiënten ): 
•    bloedarmoede 
•    draaierigheid 
•    pieptoon in de oren 
•    galstenen 
•    spierpijn 
•    ontstekingen van de eileiders
•    melkachtige uitscheiding uit de tepels 
•    koude rillingen. 
 
De volgende bijwerkingen kwamen voor in klinisch onderzoek bij vrouwen met hoge bloeddruk: 
•    hoge kaliumwaarden (hyperkaliëmie) die soms spierkrampen, diarree, misselijkheid, duizeligheid of hoofdpijn veroorzaakten 
•    hartfalen, vergroting van het hart, hartruis, effecten op het hartritme 
•    verhoging van de aldosteronwaarden in het bloed. 
 
De volgende bijwerkingen zijn gemeld bij andere HST: 
•    Galblaasaandoening 
•    Verschillende huidaandoeningen: 
-    pigmentvlekken, met name in het gezicht en de nek, ook wel ‘zwangerschapsmasker’ genoemd (melasma) 
-    pijnlijke blauwrode knobbels in de huid (erythema nodosum) 
-    huiduitslag met cirkelvormige roodheid of blaren (erythema multiforme). 

5. Hoe bewaart u dit middel? 

Buiten het zicht en bereik van kinderen houden. 
 
Gebruik dit geneesmiddel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die is te vinden op het doosje en de blisterverpakking na ‘EXP’. Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste houdbaarheidsdatum. 
 
Voor dit geneesmiddel zijn er geen speciale bewaarcondities. 
 
Spoel geneesmiddelen niet door de gootsteen of de WC en gooi ze niet in de vuilnisbak. Vraag uw apotheker wat u met geneesmiddelen moet doen die u niet meer gebruikt. Ze worden dan op een verantwoorde manier vernietigd en komen niet in het milieu terecht. 

6. Inhoud van de verpakking en overige informatie

Welke stoffen zitten er in dit middel? 
 
De werkzame stoffen in dit middel zijn estradiol (als estradiol-hemihydraat) en drospirenon; elke tablet bevat 1 mg estradiol en 2 mg drospirenon. 
 
De andere stoffen in dit middel zijn lactose-monohydraat, maïszetmeel, gepregelatinizeerd maïszetmeel, povidon en magnesiumstearaat (E470b). De ingrediënten van de filmomhulling zijn hypromellose (E464), macrogol 6000, talk (E553b), titaandioxide (E171) en ijzeroxide (E172). 
 
Hoe ziet Angeliq eruit en hoeveel zit er in een verpakking? 
 
Angeliq tabletten zijn rode, ronde, filmomhulde tabletten met bolronde zijden. Eén zijde is gemarkeerd met de letters DL in een regelmatige zeshoek. 
 
De tabletten worden geleverd in een blisterverpakking met 28 tabletten, met de dagen van de week gedrukt op de blister. Dozen met één of drie blisterverpakkingen zijn beschikbaar. 
 
Houder van de vergunning voor het in de handel brengen en fabrikant 
 
Houder van de vergunning voor het in de handel brengen:  
Bayer B.V. 
Energieweg 1 
3641 RT Mijdrecht 
 
Fabrikant:  
Bayer AG 
Müllerstraβe 178 
13353 Berlijn 
Duitsland