Diclofenac

Diclofenac

Meer info

Let op! De kosten van een eventueel voorgeschreven behandeling zijn niet inbegrepen in de consultkosten.

Dokteronline.com regelt of verkoopt geen medicijnen. Op uw verzoek regelen wij voor u een consult met een geregistreerde onafhankelijke EU-arts. Aan de hand van uw antwoorden op de online medische vragenlijst en de door u opgegeven voorkeuren, beoordeelt deze arts of aan u een recept voor een medische behandeling mag worden uitgeschreven. Bezoek de website van Blueclinic voor de actuele prijzen van de medische behandelingen.

Diclofenacnatrium 25 & 50 mg



1. Wat is Diclofenacnatrium en waarvoor wordt dit middel gebruikt?

Diclofenacnatrium behoort tot de geneesmiddelengroep van de niet-steroïde ontstekingsremmende geneesmiddelen (NSAID's), ook wel prostaglandinesynthetaseremmers genoemd. Het heeft een ontstekingsremmende, koortsverlagende en pijnstillende werking.

 

 Dit middel kan gebruikt worden bij de volgende aandoeningen:

  • bij aandoeningen van gewrichten (bijvoorbeeld reuma)
  • bij acute jichtaanvallen
  • bij pijnlijke stijfheid van de schouder die het gevolg is van een ontsteking van het schoudergewricht (periartritis humeroscapularis)
  • bij zwellingen en pijn na operatieve ingrepen
  • bij menstruatiepijn
  • bij koorts, in het bijzonder voor kortdurend gebruik als hulpmiddel bij de behandeling van infectieziekten. Diclofenacnatrium wordt niet gebruikt bij koorts alleen.

 

2. Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?

 

Wanneer mag u dit middel niet gebruiken?

  • als u allergisch bent voor één van de stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6; 
  • als u een maagzweer of een zweer in het maagdarmkanaal heeft.
  • als u een bloeding in de maag of het maagdarmkanaal heeft, aanwijzingen hiervoor kunnen bloed in de ontlasting of zwarte, teerachtige ontlasting zijn.
  • als u ooit maag- of darmproblemen heeft gehad, zoals een zweer, bloeding of zwarte ontlasting of als u in het verleden na inname van NSAID’s last heeft gehad van maagproblemen of maagzuur.
  • tijdens de laatste drie maanden van de zwangerschap.
  • als u, na het gebruik van andere NSAID’s, zoals acetylsalicylzuur of ibuprofen, een astmaaanval, huiduitslag met hevige jeuk en vorming van bultjes (urticaria) of een “hooikoortsachtige” loopneus heeft gehad.
  • bloedingen of bloedingsstoornissen.
  • bij bloedbeeldafwijkingen.
  • bij een verminderde aanmaak van bloedcellen in het beenmerg (beenmergdepressie).
  • bij een ernstige leverafwijking.
  • als u een vastgestelde hartaandoening/cerebrovasculaire aandoening heeft, bijvoorbeeld als u een hartaanval, beroerte, kortdurende beroerte (TIA) of verstopping van de bloedvaten van het hart of de hersenen heeft of een operatie op verstoppingen tegen te gaan of bypass heeft gehad.
  • als u problemen heeft of heeft gehad met de bloedcirculatie (perifere arteriële aandoeningen)
  • bij een ernstige stoornis van de nieren.

 

Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel?

Voordat u diclofenac gebruikt, vertel het uw arts of apotheker:

  • als u rookt.
  • als u suikerziekte heeft.
  • als u een beklemmend, pijnlijk gevoel op de borst (angina), bloedstolsels (klonters), een hoge bloeddruk, of een verhoogde hoeveelheid cholesterol of triglyceriden (bepaalde vetten) in uw bloed heeft.
  • bij de eerste tekenen van huiduitslag, beschadiging van het slijmvlies of enig ander teken van overgevoeligheid.
  • als u een darmontsteking (colitis ulcerosa of de ziekte van Crohn) heeft.
  • als u astma, hooikoorts of andere langdurige problemen van de luchtwegen heeft, zoals neuspoliepen, chronische obstructieve longziekte of een chronische infectie van de luchtwegen;
  • als u een verminderde lever- of nierwerking heeft.
  • als u denkt dat u uitgedroogd bent, bijv. door diarree, ziekte of door een grote operatie.
  • als u stoornissen van de bloedstolling of andere bloedafwijkingen heeft, waaronder de zeldzame leverziekte porfyrie.
  • als u de ontstekingsziekte sytemische lupus erythematosus of een andere aandoening van het bindweefsel heeft.
  • als u waterpokken (varicella) heeft.
  • als u suikerziekte (diabetes mellitus) heeft.

Geneesmiddelen zoals diclofenacnatrium kunnen in verband gebracht worden met een klein verhoogd risico op een hartaanval (hartinfarct) of beroerte. Bijwerkingen kunnen geminimaliseerd worden door de laagst effectieve dosis gedurende de kortst mogelijke periode te gebruiken. Neem niet meer in dan de voorgeschreven dosis en gebruik het geneesmiddel niet langer dan de voorgeschreven behandeling. De kans op bijwerkingen kan verkleind worden door de laagste werkzame dosering te gebruiken gedurende de kortst mogelijke periode.

 

Oudere patiënten kunnen gevoeliger zijn voor de effecten van dit middel dan andere volwassenen. Als u ouder bent dan 65 jaar is het belangrijk dat u de laagst mogelijke dosis gebruikt die nog effectief is bij uw aandoening. Speciaal voor oudere patiënten is het van belang om bijwerkingen onmiddellijk aan hun arts te melden.

 

Diclofenac kan de verschijnselen van een infectie, zoals hoofdpijn of een hoge lichaamstemperatuur verminderen of maskeren. Dit kan ervoor zorgen dat de infectie moeilijker ontdekt of behandeld kan worden. Als u zich niet lekker voelt en een arts bezoekt, vergeet dan niet te vermelden dat u dit middel gebruikt.

 

Gebruikt u nog andere geneesmiddelen? 

Gebruikt u naast Diclofenacnatrium nog andere geneesmiddelen, of heeft u dat kort geleden gedaan of bestaat de mogelijkheid dat u in de nabije toekomst andere geneesmiddelen gaat gebruiken? Vertel dat dan uw arts of apotheker. Dit geldt ook voor geneesmiddelen die u zonder voorschrift kunt krijgen. 

 

De volgende geneesmiddelen kunnen, als ze gelijktijdig worden gebruikt met dit middel, het risico op een bloeding of zweer verhogen. Als u een van de volgende geneesmiddelen gebruikt moet u dit aan uw arts vertellen:

  • bijnierschorshormonen (corticosteroïden), gebruikt om ontstoken lichaamsdelen te behandelen.
  • middelen, die de vorming van bloedstolsels tegengaan (anticoagulantia en bloedplaatjesaggregatieremmers).
  • bepaalde middelen tegen neerslachtigheid, de zogenaamde selectieve serotonineheropnameremmers (SSRI’s).
  • andere geneesmiddelen die gebruikt worden bij de behandeling van pijn, zwelling en andere symptomen van ontsteking (NSAID's), zoals acetylsalicylzuur of ibuprofen. Bloedingen vanuit het maagdarmkanaal of de vorming van zweren kunnen bijwerkingen zijn van alle NSAID’s waaronder dit middel. Dit probleem, dat bij oudere mensen ernstiger kan zijn, kan optreden op elk tijdstip tijdens de behandeling met of zonder waarschuwende verschijnselen of een voorgeschiedenis van ernstige problemen van het maagdarmkanaal.

 

U moet het uw arts ook melden als u een van de volgende (genees)middelen gebruikt:

  • lithium, een middel tegen neerslachtigheid.
  • digoxine, een middel gebruikt bij bepaalde hartziekten.
  • bepaalde middelen, die de natuurlijke afweer onderdrukken (methotrexaat en ciclosporine).
  • bloedsuikerverlagende middelen, die via de mond worden ingenomen (orale antidiabetica).
  • plasmiddelen (diuretica).
  • bloeddrukverlagende middelen (antihypertensiva, zoals ACE-remmers of bèta-blokkers).
  • groep middelen tegen bepaalde bacteriële infecties (chinolonen).
  • bepaalde middelen die gebruikt worden bij een te hoog cholesterolgehalte in het bloed (colestipol en colestyramine).
  • sulfinpyrazon (een geneesmiddel dat gebruikt wordt om jicht te behandelen) of voriconazol (een geneesmiddel dat gebruikt wordt om schimmelinfecties te behandelen).
  • fenytoïne, een geneesmiddel dat gebruikt wordt om vallende ziekte te behandelen.

 

Vertel uw arts of apotheker dat u andere geneesmiddelen gebruikt of kort geleden heeft gebruikt.  

 

Zwangerschap, borstvoeding en vruchtbaarheid

Bent u zwanger, denkt u zwanger te zijn, wilt u zwanger worden of geeft u borstvoeding? Neem dan contact op met uw arts of apotheker voordat u dit geneesmiddel gebruikt.

 

Zwangerschap

Het gebruik van diclofenacnatrium tijdens de zwangerschap, kan de zwangerschap en/of de embryonale ontwikkeling nadelig beïnvloeden. Dit middel dient tijdens de eerste 6 maanden van de zwangerschap alleen om dwingende redenen en uitsluitend in de laagste doseringen die nog werkzaam zijn te worden gebruikt. In de laatste 3 maanden van de zwangerschap dient het gebruik van diclofenac gemeden te worden.

 

Borstvoeding

Gebruik dit middel niet als u borstvoeding geeft. Kleine hoeveelheden diclofenac kunnen worden uitgescheiden in de moedermelk. 

 

Vruchtbaarheid

Gebruik van Diclofenacnatrium wordt niet aanbevolen wanneer u probeert in verwachting te raken of indien u onderzocht wordt met betrekking tot onvruchtbaarheid omdat diclofenacnatrium in zeer zeldzame gevallen de vruchtbaarheid kan verminderen. Zodra u een zwangerschap vermoedt of een kinderwens heeft, dient u uw arts te raadplegen.

 

Rijvaardigheid en het gebruik van machines

Het gebruik van Diclofenacnatrium kan soms misselijkheid, duizeligheid, vermoeidheid en gezichtsstoornissen tot gevolg hebben (zie “Mogelijke bijwerkingen”). Als u last heeft van deze bijwerkingen, bestuur dan geen voertuigen en/of bedien geen machines die oplettendheid vereisen.

 

Diclofenacnatrium bevat lactose

Dit geneesmiddel bevat lactose. Indien uw arts u heeft meegedeeld dat u bepaalde suikers niet verdraagt, neem dan contact op met uw arts voordat u dit geneesmiddel inneemt.

 

 

3. Hoe gebruikt u dit middel?

 

Gebruik dit geneesmiddel altijd precies zoals uw arts of apotheker u dat heeft verteld. Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem dan contact op met uw arts of apotheker. 

 

Dosering en wijze van gebruik

Bij gebruik van de laagste werkzame dosering, voor een zo kort mogelijke periode is de kans op bijwerkingen het laagst. 

 

Dosering

De dosering dient door de arts te worden vastgesteld. Wanneer uw arts niet anders voorschrijft, is het gebruik als volgt:

 

Ter vermijding van nachtelijke pijn en ochtendstijfheid

Voor het slapen gaan kan een zetpil worden ingebracht, terwijl overdag maagsapresistente tabletten kunnen worden ingenomen (tot een maximum van samen 150 mg per dag).

 

Reuma

De begindosering is 150 mg per dag (=24 uur), de onderhoudsdosering is 75 mg tot 100 mg per dag.

 

Jeugdreuma

Kinderen vanaf 10 jaar

1,5-2 mg/kg lichaamsgewicht per dag (=24 uur) in 2 à 3 doses.

 

Aandoeningen van gewrichten

De begindosering is 100 mg tot 150 mg per dag (=24 uur), de onderhoudsdosering is 75 mg tot 100 mg per dag.

 

Acute jichtaanval

De eerste 1-3 dagen 150 mg per dag (= 24 uur), daarna dosering geleidelijk verminderen.

 

Ontstekingen van het schoudergewricht

De begindosering is 150 mg per dag (=24 uur) daarna volgt een lagere dosering.

 

Zwellingen en pijn na operaties

De begindosering is 150 mg per dag (=24 uur). De dosering kan vervolgens worden verminderd als de klachten afnemen.

 

Menstruatiepijn

De begindosering is 50 mg tot 100 mg per dag (=24 uur) zodra de pijn optreedt. Daarna 50 mg tot 200 mg gedurende enkele dagen afhankelijk van de verschijnselen. De behandeling moet worden begonnen zodra zich de eerste symptomen voordoen.

 

Met koorts gepaard gaande ziekten

0,5 mg per kg lichaamsgewicht per dag (=24 uur) in 2 à 3 doses.

 

Ouderen

Oudere patiënten krijgen een zo laag mogelijke dosering die nog werkt.

 

Kinderen

De tabletten van 50 mg zijn niet geschikt voor kinderen, omdat met deze sterkte niet nauwkeurig gedoseerd kan worden.

 

Zetpillen en tabletten kunnen worden gecombineerd.

 

Als u merkt dat Diclofenacnatrium te sterk of juist te weinig werkt, raadpleeg dan uw arts of apotheker.

 

Wijze van gebruik

De dagdosis verdeeld over 2 à 3 doses per dag innemen.

De tabletten dienen met vloeistof, zonder te kauwen, heel doorgeslikt te worden. De tabletten kunnen het beste voor de maaltijd met wat vloeistof worden ingenomen.

 

Heeft u teveel van dit middel gebruikt? 

Wanneer u teveel van Diclofenacnatrium heeft ingenomen, neem dan onmiddellijk contact op met uw arts of apotheker. Verschijnselen van een overdosis diclofenac kunnen zijn: overgeven, diarree, duizeligheid, oorsuizen, toevallen, ernstige buikpijn, bloederige of zwarte ontlasting.

 

Bent u vergeten dit middel te gebruiken?

Wanneer u een dosis gemist hebt, neem dan zo snel mogelijk deze dosis alsnog in. Als het echter bijna tijd is voor de volgende dosis, sla dan de gemiste dosis over en ga verder met uw normale doseringsschema. Neem geen dubbele dosis om een vergeten dosis in te halen.

 

Als u stopt met het gebruik van dit middel

Wanneer u een dosis vergeet of plotseling stopt met het gebruik van dit geneesmiddel kunnen de verschijnselen die voor het begin van de behandeling bestonden weer optreden.

 

Heeft u nog andere vragen over het gebruik van dit geneesmiddel? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.

 

 

4. Mogelijke bijwerkingen

 

Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken. 

 

Sommige bijwerkingen kunnen ernstig zijn. Stop met het gebruik van Diclofenacnatrium en neem direct contact op met uw arts als u last heeft van:

 

  • Milde kramp en gevoeligheid van de buik kort na de start van de behandeling met Diclofenacnatrium, gevolgd door rectale bloeding of bloedige diarree, meestal binnen 24 uur na het begin van de buikpijn (frequentie niet bekend, kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald). 

 

De volgende bijwerkingen kunnen onder meer voorkomen:

De frequenties van de hieronder genoemde bijwerkingen zijn als volgt ingedeeld:

Zeer vaak: bij meer dan 1 op de 10 patiënten

Vaak:  bij 1 tot  10 op de 100 patiënten

Soms: bij 1 tot 10 op de 1.000 patiënten

Zelden: bij 1 tot 10 op de 10.000 patiënten

Zeer zelden: bij minder dan 1 op de 10.000 patiënten

Niet bekend: kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald.

 

Bloed- en lymfestelselaandoeningen

Zeer zelden:

Bloedafwijking (tekort aan bloedplaatjes) gepaard gaande met blauwe plekken en bloedingsneiging (trombocytopenie); bloedafwijking (tekort aan witte bloedlichaampjes) gepaard gaande met verhoogde gevoeligheid voor infecties (leukopenie); bloedarmoede (anemie); zeer ernstige bloedafwijking (tekort aan witte bloedlichaampjes) gepaard gaande met plotselinge hoge koorts, heftige keelpijn en zweertjes in de mond (agranulocytose).

Afweersysteemaandoeningen

 

Zelden:

(Ernstige) overgevoeligheidsreacties (inclusief lage bloeddruk en shock). Zeer zelden: Plotselinge vochtophoping in de huid en slijmvliezen (bijvoorbeeld keel of tong), ademhalingsmoeilijkheden en/of jeuk en huiduitslag, vaak als allergische reactie (angioneurotisch oedeem).

Psychische stoornissen

Zeer zelden:

Verwardheid (desoriëntatie); (ernstige) neerslachtigheid (depressie); slapeloosheid; nachtmerries, prikkelbaarheid; geestelijke aandoeningen, waarbij wanen, hallucinaties en/of verwardheid voorkomen; angst.

Zenuwstelselaandoeningen

Vaak: 

Hoofdpijn; duizeligheid.

Zelden:

Slaperigheid

Zeer zelden:

Waarnemen van kriebelingen, jeuk of tintelingen zonder dat daar aanleiding voor is (paresthesie); geheugenstoornis; toevallen/stuipen (convulsies); beven; stijve nek (verschijnsel van hersenvliesontsteking); smaakstoornissen; beroerte/herseninfarct, ook wel “attaque” of hersenbloeding genoemd (cerebrovasculair accident (CVA)).

Oogaandoeningen

Zeer zelden: Stoornissen in het zien (visusstoornissen); wazig zien; dubbelzien.

 

Evenwichtsorgaan- en ooraandoeningen

Vaak:

Evenwichtsstoornissen gepaard gaande met misselijkheid (vertigo).

 

Zeer zelden:

Oorsuizen; beschadigd gehoor.

 

Hart- en bloedvataandoeningen

Zeer zelden:

Hartkloppingen (palpitatie); pijn op de borst; onvoldoende pompkracht van het hart (hartfalen); hartinfarct; verhoogde bloeddruk (hypertensie; ontsteking van een bloedvat (vasculitis).

 

Luchtwegaandoeningen

Zelden: 

Astma (inclusief kortademigheid).

Zeer zelden:

Goedaardige ontstekingen van het longweefsel (pneumonitis).

 

Maagdarmstelselaandoeningen

Vaak:        

Misselijkheid; braken; diarree; gestoorde spijsvertering met als verschijnselen vol gevoel in de bovenbuik, pijn in de maagstreek, boeren, misselijkheid, braken en zuurbranden (dyspepsie); buikpijn; winderigheid (flatulentie); gebrek aan eetlust (anorexie).

Zelden:

Ontsteking van de maagwand (gastritis); bloeding in het maagdarmkanaal; braken van bloed; bloederige diarree, bloed in de ontlasting; zweer in het maagdarmkanaal (met of zonder bloeding of perforatie).

Zeer zelden:

Ontsteking van de dikke darm (colitis) waaronder bloedende ontsteking van de dikke darm en verergering van een zweervormige ontsteking van de dikke darm (colitis ulcerosa) of terugkerende (ernstige) ontsteking van de darmen (de ziekte van Crohn); verstopping (obstipatie); ontsteking van het mondslijmvlies (stomatitis); ontsteking van de tong (glossitis); afwijking aan de slokdarm; vernauwing in de darm; ontsteking van de alvleesklier gepaard gaande met heftige pijn in de bovenbuik uitstralend naar de rug en misselijkheid en braken (pancreatitis).

 

Lever- en galaandoeningen

Vaak: 

Verhoging van bepaalde enzymengehaltes.

Zelden:    

Leverontsteking (hepatitis) (in enkele gevallen met fatale afloop); geelzucht (gele verkleuring van de huid of ogen).

Zeer zelden:

Leverafwijking; afsterven van weefsel van de lever (levernecrose); leverfalen.

 

Huidaandoeningen

Vaak:      

Huiduitslag.

Zelden: 

Huiduitslag met hevige jeuk en vorming van bultjes (urticaria).

Zeer zelden:

Vorming van blaasjes; eczeem; roodheid van de huid (erytheem); huiduitslag met rode (vochtige) onregelmatige vlekken (erythema multiforme); ernstige overgevoeligheidsreactie met (hoge) koorts, rode vlekken op de huid, gewrichtspijnen en/of oogontsteking (StevensJohnson syndroom); ernstige, plotselinge (overgevoeligheids)reactie gepaard gaande met koorts en blaren op de huid/vervelling van de huid (toxisch epidermale necrolyse); ernstige huidontsteking met verlies van opperhuid en haar (exfoliatieve dermatitis); haaruitval; overgevoeligheid voor (zon)licht; bloeduitstortingen in huid en slijmvliezen; jeuk.

 

Blaas-, urineweg- en nieraandoeningen

Zeer zelden:

Acute onvoldoende werking van de nieren (nierfalen); bloed in de urine; te grote hoeveelheid eiwit in de urine (proteïnurie); koorts en pijn in de flanken als gevolg van vermindering in de nierfunctie (nefrotisch syndroom); ontsteking van de nieren gepaard gaande met bloed in de urine, koorts en pijn in de flanken (interstitiële nefritis); afsterven van nierweefsel (renale papillaire necrose).

 

Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen

Zelden:

Vochtophoping (oedeem)

 

Geneesmiddelen zoals Diclofenacnatrium kunnen in verband worden gebracht met een klein toegenomen risico op een hartaanval (“hartinfarct”) of beroerte.

 

De meest voorkomende bijwerkingen (soms met dodelijke afloop) zijn die van het maagdarmkanaal. Maagzweren, perforaties of bloedingen, met name bij ouderen, kunnen voorkomen. Misselijkheid, overgeven (mogelijk met bloed), diarree, winderigheid, verstopping, zuurbranden, buikpijn, bloed in de ontlasting, ontsteking van het mondslijmvlies, verergering van colitis en ziekte van Crohn zijn gemeld na toediening.

 

Het melden van bijwerkingen

Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw arts of apotheker. Dit geldt ook voor mogelijke bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan. U kunt bijwerkingen ook rechtstreeks melden via het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb. Door bijwerkingen te melden, kunt u ons helpen meer informatie te verkrijgen over de veiligheid van dit geneesmiddel.

 

 

5. Hoe bewaart u dit middel?

 

Bewaren beneden 25°C, in de oorspronkelijke verpakking.

 

Buiten het zicht en bereik van kinderen houden.

 

Gebruik dit geneesmiddel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die is te vinden op de verpakking na `EXP`. Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste houdbaarheidsdatum.

 

Spoel geneesmiddelen niet door de gootsteen of de WC en gooi ze niet in de vuilnisbak. Vraag uw apotheker wat u met geneesmiddelen moet doen die u niet meer gebruikt. Ze worden dan op een verantwoorde manier vernietigd en komen niet in het milieu terecht.

 

6. Inhoud van de verpakking en overige informatie

 

Welke stoffen zitten er in dit middel?

  • De werkzame stof in dit middel is diclofenacnatrium, respectievelijk 25 en 50 mg per maagsapresistente tablet.
  • Diclofenacnatrium betreft een generiek medicijn en wordt daarom door verschillende fabrikanten met verschillende hulpstoffen op de markt gebracht.

 

Hoe ziet Diclofenacnatrium er uit en wat is de inhoud van de verpakking

Diclofenacnatrium betreft een generiek medicijn en wordt daarom door verschillende fabrikanten met verschillende uiterlijke kenmerken op de markt gebracht.

 

Diclofenacnatrium Retard 75 & 100 mg



1. Wat is Diclofenacnatrium Retard en waarvoor wordt dit middel gebruikt?

Diclofenacnatrium Retard behoort tot de geneesmiddelengroep van de niet-steroïde ontstekingsremmende geneesmiddelen (NSAID's), ook wel prostaglandinesynthetaseremmers genoemd. Het heeft een ontstekingsremmende, koortsverlagende en pijnstillende werking.

 

Dit middel kan gebruikt worden bij de volgende aandoeningen:

  • bij aandoeningen van gewrichten (bijvoorbeeld reuma)
  • bij pijnlijke stijfheid van de schouder die het gevolg is van een ontsteking van het schoudergewricht (periartritis humeroscapularis).

 

2. Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?

 

Wanneer mag u dit middel niet gebruiken?

  • als u allergisch bent voor één van de stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6; 
  • als u een maagzweer of een zweer in het maagdarmkanaal heeft.
  • als u een bloeding in de maag of het maagdarmkanaal heeft, aanwijzingen hiervoor kunnen bloed in de ontlasting of zwarte, teerachtige ontlasting zijn.
  • als u ooit maag- of darmproblemen heeft gehad, zoals een zweer, bloeding of zwarte ontlasting of als u in het verleden na inname van NSAID’s last heeft gehad van maagproblemen of maagzuur.
  • tijdens de laatste drie maanden van de zwangerschap.
  • als u, na het gebruik van andere NSAID’s, zoals acetylsalicylzuur of ibuprofen, een astma-aanval, huiduitslag met hevige jeuk en vorming van bultjes (urticaria) of een “hooikoortsachtige” loopneus heeft gehad.
  • bloedingen of bloedingsstoornissen.
  • bij bloedbeeldafwijkingen.
  • bij een verminderde aanmaak van bloedcellen in het beenmerg (beenmergdepressie).
  • bij een ernstige leverafwijking.
  • als u een vastgestelde hartaandoening/cerebrovasculaire aandoening heeft, bijvoorbeeld als u een hartaanval, beroerte, kortdurende beroerte (TIA) of verstopping van de bloedvaten van het hart of de hersenen heeft of een operatie op verstoppingen tegen te gaan of bypass heeft gehad.
  • als u problemen heeft of heeft gehad met de bloedcirculatie (perifere arteriële aandoeningen)
  • bij een ernstige stoornis van de nieren

 

Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel?

Voordat u diclofenac gebruikt, vertel het uw arts of apotheker:

  • als u rookt.
  • als u suikerziekte heeft.
  • als u een beklemmend, pijnlijk gevoel op de borst (angina), bloedstolsels (klonters), een hoge bloeddruk, of een verhoogde hoeveelheid cholesterol of triglyceriden (bepaalde vetten) in uw bloed heeft.
  • bij de eerste tekenen van huiduitslag, beschadiging van het slijmvlies of enig ander teken van overgevoeligheid.
  • als u een darmontsteking (colitis ulcerosa of de ziekte van Crohn) heeft.
  • als u astma, hooikoorts of andere langdurige problemen van de luchtwegen heeft, zoals neuspoliepen, chronische obstructieve longziekte of een chronische infectie van de luchtwegen;
  • als u een verminderde lever- of nierwerking heeft.
  • als u denkt dat u uitgedroogd bent, bijv. door diarree, ziekte of door een grote operatie.
  • als u stoornissen van de bloedstolling of andere bloedafwijkingen heeft, waaronder de zeldzame leverziekte porfyrie.
  • als u de ontstekingsziekte sytemische lupus erythematosus of een andere aandoening van het bindweefsel heeft.
  • als u waterpokken (varicella) heeft.

 

Geneesmiddelen zoals diclofenac kunnen in verband gebracht worden met een klein verhoogd risico op een hartaanval (hartinfarct) of beroerte. Bijwerkingen kunnen geminimaliseerd worden door de laagst effectieve dosis gedurende de kortst mogelijke periode te gebruiken. Neem niet meer in dan de voorgeschreven dosis en gebruik het geneesmiddel niet langer dan de voorgeschreven behandeling. 

De kans op bijwerkingen kan verkleind worden door de laagste werkzame dosering te gebruiken gedurende de kortst mogelijke periode.

 

Oudere patiënten kunnen gevoeliger zijn voor de effecten van dit middel dan andere volwassenen. Als u ouder bent dan 65 jaar is het belangrijk dat u de laagst mogelijke dosis gebruikt die nog effectief is bij uw aandoening. Speciaal voor oudere patiënten is het van belang om bijwerkingen onmiddellijk aan hun arts te melden.

 

Diclofenac kan de verschijnselen van een infectie, zoals hoofdpijn of een hoge lichaamstemperatuur verminderen of maskeren. Dit kan ervoor zorgen dat de infectie moeilijker ontdekt of behandeld kan worden. Als u zich niet lekker voelt en een arts bezoekt, vergeet dan niet te vermelden dat u dit middel gebruikt.

 

Gebruikt u nog andere geneesmiddelen? 

Gebruikt u naast Diclofenacnatrium Retard nog andere geneesmiddelen, of heeft u dat kort geleden gedaan of bestaat de mogelijkheid dat u in de nabije toekomst andere geneesmiddelen gaat gebruiken? Vertel dat dan uw arts of apotheker. Dit geldt ook voor geneesmiddelen die u zonder voorschrift kunt krijgen. 

 

De volgende geneesmiddelen kunnen, als ze gelijktijdig worden gebruikt met dit middel, het risico op een bloeding of zweer verhogen. Als u een van de volgende geneesmiddelen gebruikt moet u dit aan uw arts vertellen:

  • bijnierschorshormonen (corticosteroïden), gebruikt om ontstoken lichaamsdelen te behandelen.
  • middelen, die de vorming van bloedstolsels tegengaan (anticoagulantia en bloedplaatjesaggregatieremmers).
  • bepaalde middelen tegen neerslachtigheid, de zogenaamde selectieve serotonineheropnameremmers (SSRI’s).
  • andere geneesmiddelen die gebruikt worden bij de behandeling van pijn, zwelling en andere symptomen van ontsteking (NSAID's), zoals acetylsalicylzuur of ibuprofen. Bloedingen vanuit het maagdarmkanaal of de vorming van zweren kunnen bijwerkingen zijn van alle NSAID’s waaronder dit middel. Dit probleem, dat bij oudere mensen ernstiger kan zijn, kan optreden op elk tijdstip tijdens de behandeling met of zonder waarschuwende verschijnselen of een voorgeschiedenis van ernstige problemen van het maagdarmkanaal.

 

U moet het uw arts ook melden als u een van de volgende (genees)middelen gebruikt:

  • lithium, een middel tegen neerslachtigheid.
  • digoxine, een middel gebruikt bij bepaalde hartziekten.
  • bepaalde middelen, die de natuurlijke afweer onderdrukken (methotrexaat en ciclosporine).
  • bloedsuikerverlagende middelen, die via de mond worden ingenomen (orale antidiabetica).
  • plasmiddelen (diuretica).
  • bloeddrukverlagende middelen (antihypertensiva, zoals ACE-remmers of bèta-blokkers).
  • groep middelen tegen bepaalde bacteriële infecties (chinolonen).
  • bepaalde middelen die gebruikt worden bij een te hoog cholesterolgehalte in het bloed (colestipol en colestyramine).
  • sulfinpyrazon (een geneesmiddel dat gebruikt wordt om jicht te behandelen) of voriconazol (een geneesmiddel dat gebruikt wordt om schimmelinfecties te behandelen).
  • fenytoïne, een geneesmiddel dat gebruikt wordt om vallende ziekte te behandelen.

 

Vertel uw arts of apotheker dat u andere geneesmiddelen gebruikt of kort geleden heeft gebruikt.  

 

Zwangerschap, borstvoeding en vruchtbaarheid

Bent u zwanger, denkt u zwanger te zijn, wilt u zwanger worden of geeft u borstvoeding? Neem dan contact op met uw arts of apotheker voordat u dit geneesmiddel gebruikt.

 

Zwangerschap

Het gebruik van diclofenacnatrium tijdens de zwangerschap, kan de zwangerschap en/of de embryonale ontwikkeling nadelig beïnvloeden. Dit middel dient tijdens de eerste 6 maanden van de zwangerschap alleen om dwingende redenen en uitsluitend in de laagste doseringen die nog werkzaam zijn te worden gebruikt. In de laatste 3 maanden van de zwangerschap dient het gebruik van diclofenac gemeden te worden.

 

Borstvoeding

Gebruik dit middel niet als u borstvoeding geeft. Kleine hoeveelheden diclofenac kunnen worden uitgescheiden in de moedermelk. 

 

Fertiliteit

Gebruik van Diclofenacnatrium Retard wordt niet aanbevolen wanneer u probeert in verwachting te raken of indien u onderzocht wordt met betrekking tot onvruchtbaarheid omdat diclofenacnatrium in zeer zeldzame gevallen de vruchtbaarheid kan verminderen. Zodra u een zwangerschap vermoedt of een kinderwens heeft, dient u uw arts te raadplegen.

 

Rijvaardigheid en het gebruik van machines

Het gebruik van Diclofenacnatrium Retard kan soms misselijkheid, duizeligheid, vermoeidheid en gezichtsstoornissen tot gevolg hebben (zie “Mogelijke bijwerkingen”). Als u last heeft van deze bijwerkingen, bestuur dan geen voertuigen en/of bedien geen machines die oplettendheid vereisen.

 

Diclofenacnatrium Retard bevat saccharose

Dit geneesmiddel bevat sacharose (suiker). Indien uw arts u heeft meegedeeld dat u bepaalde suikers niet verdraagt, neem dan contact op met uw arts voordat u dit geneesmiddel inneemt.

 

3. Hoe gebruikt u dit middel?

 

Gebruik dit geneesmiddel altijd precies zoals uw arts of apotheker u dat heeft verteld. Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem dan contact op met uw arts of apotheker. 

 

Dosering en wijze van gebruik

 

Dosering

Bij gebruik van de laagste werkzame dosering, voor een zo kort mogelijke periode is de kans op bijwerkingen het laagst. De maximale dosering is 150 mg per dag (= 24 uur).

 

De dosering dient door de arts te worden vastgesteld. Wanneer uw arts niet ander voorschrijft, is het gebruik als volgt:

De gebruikelijke begindosering is 1 tablet van 100 mg of 2 tabletten van 75 mg per dag (=24 uur). Indien u Diclofenac Na Retard 100 Teva gebruikt, kan de arts de dosis verhogen tot 150 mg per dag (=24 uur) door ook diclofenacnatrium tabletten of zetpillen van 25 mg of 50 mg voor te schrijven. Voor lichte aandoeningen en voor langdurige behandeling is 1 tablet van 75 mg of 100 mg per dag (=24 uur) gewoonlijk voldoende.

 

Ouderen

Oudere patiënten krijgen een zo laag mogelijke dosering die nog werkt.

 

Kinderen

Diclofenacnatrium Retard 75 of 100 zijn niet geschikt voor kinderen, omdat met deze sterktes niet nauwkeurig gedoseerd kan worden.

 

Als u merkt dat Diclofenacnatrium Retard te sterk of juist te weinig werkt, raadpleeg dan uw arts of apotheker.

 

Wijze van gebruik

De tabletten dienen met vloeistof, zonder te kauwen, heel doorgeslikt te worden. De tabletten kunnen het beste tijdens de maaltijd met wat vloeistof worden ingenomen.

Indien de ziektesymptomen ’s nachts of ’s ochtends het hevigst zijn, dienen de tabletten bij voorkeur ’s avonds te worden ingenomen.

 

Heeft u teveel van dit middel gebruikt?

Wanneer u teveel van Diclofenacnatrium Retard heeft ingenomen, neem dan onmiddellijk contact op met uw arts of apotheker. Verschijnselen van een overdosis diclofenac kunnen zijn: overgeven, diarree, duizeligheid, oorsuizen, toevallen, ernstige buikpijn, bloederige of zwarte ontlasting.

 

Bent u vergeten dit middel te gebruiken?

Wanneer u een dosis gemist hebt, neem dan zo snel mogelijk deze dosis alsnog in. Als het echter bijna tijd is voor de volgende dosis, sla dan de gemiste dosis over en ga verder met uw normale doseringsschema. Neem nooit een dubbele dosis van Diclofenacnatrium Retard om zo de vergeten dosis in te halen. Raadpleeg bij twijfel uw arts of apotheker.

 

Als u stopt met het gebruik van dit middel

Wanneer u een dosis vergeet of plotseling stopt met het gebruik van dit geneesmiddel kunnen de verschijnselen die voor het begin van de behandeling bestonden weer optreden.

 

Heeft u nog andere vragen over het gebruik van dit geneesmiddel? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.

 

4. Mogelijke bijwerkingen

 

Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken. 

 

Sommige bijwerkingen kunnen ernstig zijn. Stop met het gebruik van Diclofenacnatrium Retard en neem direct contact op met uw arts als u last heeft van:

 

  • Milde kramp en gevoeligheid van de buik kort na de start van de behandeling met Diclofenacnatrium Retard, gevolgd door rectale bloeding of bloedige diarree, meestal binnen 24 uur na het begin van de buikpijn (frequentie niet bekend, kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald). 

 

De volgende bijwerkingen kunnen onder meer voorkomen:

 

De frequenties van de hieronder genoemde bijwerkingen zijn als volgt ingedeeld:

Zeer vaak: bij meer dan 1 op de 10 patiënten

Vaak:  bij 1 tot  10 op de 100 patiënten

Soms: bij 1 tot 10 op de 1.000 patiënten

Zelden: bij 1 tot 10 op de 10.000 patiënten

Zeer zelden: bij minder dan 1 op de 10.000 patiënten

Niet bekend: kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald.

 

Bloed- en lymfestelselaandoeningen

Zeer zelden: Bloedafwijking (tekort aan bloedplaatjes) gepaard gaande met blauwe plekken en bloedingsneiging (trombocytopenie); bloedafwijking (tekort aan witte bloedlichaampjes) gepaard gaande met verhoogde gevoeligheid voor infecties (leukopenie); bloedarmoede (anemie); zeer ernstige bloedafwijking (tekort aan witte bloedlichaampjes) gepaard gaande met plotselinge hoge koorts, heftige keelpijn en zweertjes in de mond (agranulocytose).

 

Afweersysteemaandoeningen

Zelden: (Ernstige) overgevoeligheidsreacties (inclusief lage bloeddruk en shock).

Zeer zelden: Plotselinge vochtophoping in de huid en slijmvliezen (bijvoorbeeld keel of tong), ademhalingsmoeilijkheden en/of jeuk en huiduitslag, vaak als allergische reactie (angioneurotisch oedeem).

 

Psychische stoornissen

Zeer zelden: Verwardheid (desoriëntatie); (ernstige) neerslachtigheid (depressie); slapeloosheid; nachtmerries, prikkelbaarheid; geestelijke aandoeningen, waarbij wanen, hallucinaties en/of verwardheid voorkomen; angst.

 

Zenuwstelselaandoeningen

Vaak: Hoofdpijn; duizeligheid.

Zelden: Slaperigheid

Zeer zelden: Waarnemen van kriebelingen, jeuk of tintelingen zonder dat daar aanleiding voor is (paresthesie); geheugenstoornis; toevallen/stuipen (convulsies); beven; stijve nek (verschijnsel van hersenvliesontsteking); smaakstoornissen; beroerte/herseninfarct, ook wel “attaque” of hersenbloeding genoemd (cerebrovasculair accident (CVA)).

 

Oogaandoeningen

Zeer zelden: Stoornissen in het zien (visusstoornissen); wazig zien; dubbelzien.

 

Evenwichtsorgaan- en ooraandoeningen

Vaak: Evenwichtsstoornissen gepaard gaande met misselijkheid (vertigo).

Zeer zelden: Oorsuizen; beschadigd gehoor.

 

Hart- en bloedvataandoeningen

Zeer zelden: Hartkloppingen (palpitatie); pijn op de borst; onvoldoende pompkracht van het hart (hartfalen); hartinfarct; verhoogde bloeddruk (hypertensie; ontsteking van een bloedvat (vasculitis).

 

Luchtwegaandoeningen

Zelden:  Astma (inclusief kortademigheid).

Zeer zelden: Goedaardige ontstekingen van het longweefsel (pneumonitis).

 

Maagdarmstelselaandoeningen

Vaak: Misselijkheid; braken; diarree; gestoorde spijsvertering met als verschijnselen vol gevoel in de bovenbuik, pijn in de maagstreek, boeren, misselijkheid, braken en zuurbranden (dyspepsie); buikpijn; winderigheid (flatulentie); gebrek aan eetlust (anorexie).

Zelden: Ontsteking van de maagwand (gastritis); bloeding in het maagdarmkanaal; braken van bloed; bloederige diarree, bloed in de ontlasting; zweer in het maagdarmkanaal (met of zonder bloeding of perforatie).

Zeer zelden: Ontsteking van de dikke darm (colitis) waaronder bloedende ontsteking van de dikke darm en verergering van een zweervormige ontsteking van de dikke darm (colitis ulcerosa) of terugkerende (ernstige) ontsteking van de darmen (de ziekte van Crohn); verstopping (obstipatie); ontsteking van het mondslijmvlies (stomatitis); ontsteking van de tong (glossitis); afwijking aan de slokdarm; vernauwing in de darm; ontsteking van de alvleesklier gepaard gaande met heftige pijn in de bovenbuik uitstralend naar de rug en misselijkheid en braken (pancreatitis).

 

Lever- en galaandoeningen

Vaak:  Verhoging van bepaalde enzymengehaltes.

Zelden: Leverontsteking (hepatitis) (in enkele gevallen met fatale afloop); geelzucht (gele verkleuring van de huid of ogen).

Zeer zelden: Leverafwijking; afsterven van weefsel van de lever (levernecrose); leverfalen.

 

Huidaandoeningen

Vaak: Huiduitslag.

Zelden: Huiduitslag met hevige jeuk en vorming van bultjes (urticaria).

Zeer zelden: Vorming van blaasjes; eczeem; roodheid van de huid (erytheem); huiduitslag met rode (vochtige) onregelmatige vlekken (erythema multiforme); ernstige overgevoeligheidsreactie met (hoge) koorts, rode vlekken op de huid, gewrichtspijnen en/of oogontsteking (StevensJohnson syndroom); ernstige, plotselinge (overgevoeligheids)reactie gepaard gaande met koorts en blaren op de huid/vervelling van de huid (toxisch epidermale necrolyse); ernstige huidontsteking met verlies van opperhuid en haar (exfoliatieve dermatitis); haaruitval; overgevoeligheid voor (zon)licht; bloeduitstortingen in huid en slijmvliezen; jeuk.

 

Blaas-, urineweg- en nieraandoeningen

Zeer zelden: Acute onvoldoende werking van de nieren (nierfalen); bloed in de urine; te grote hoeveelheid eiwit in de urine (proteïnurie); koorts en pijn in de flanken als gevolg van vermindering in de nierfunctie (nefrotisch syndroom); ontsteking van de nieren gepaard gaande met bloed in de urine, koorts en pijn in de flanken (interstitiële nefritis); afsterven van nierweefsel (renale papillaire necrose).

 

Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen

Zelden: Vochtophoping (oedeem)

 

Geneesmiddelen zoals Diclofenacnatrium Retard kunnen in verband worden gebracht met een klein toegenomen risico op een hartaanval (“hartinfarct”) of beroerte.

 

De meest voorkomende bijwerkingen (soms met dodelijke afloop) zijn die van het maagdarmkanaal. Maagzweren, perforaties of bloedingen, met name bij ouderen, kunnen voorkomen. Misselijkheid, overgeven (mogelijk met bloed), diarree, winderigheid, verstopping, zuurbranden, buikpijn, bloed in de ontlasting, ontsteking van het mondslijmvlies, verergering van colitis en ziekte van Crohn zijn gemeld na toediening.

 

Het melden van bijwerkingen

Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw arts of apotheker. Dit geldt ook voor mogelijke bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan. U kunt bijwerkingen ook rechtstreeks melden via het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb. Door bijwerkingen te melden, kunt u ons helpen meer informatie te verkrijgen over de veiligheid van dit geneesmiddel.

 

5. Hoe bewaart u dit middel?

 

Bewaren beneden 25°C

 

Buiten het zicht en bereik van kinderen houden.

 

Gebruik dit middel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die is te vinden op de verpakking na

`EXP`. Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste houdbaarheidsdatum.

 

Spoel geneesmiddelen niet door de gootsteen of de WC en gooi ze niet in de vuilnisbak. Vraag uw apotheker wat u met geneesmiddelen moet doen die u niet meer gebruikt. Ze worden dan op een verantwoorde manier vernietigd en komen niet in het milieu terecht.

 

6. Inhoud van de verpakking en overige informatie

 

 

Wat bevat Diclofenacnatrium Retard

  • De werkzame stof in dit middel is diclofenacnatrium, respectievelijk 75 mg en 100 mg per tablet met gereguleerde afgifte.
  • Diclofenacnatrium Retard betreft een generiek medicijn en wordt daarom door verschillende fabrikanten met verschillende hulpstoffen op de markt gebracht.

 

Hoe ziet Diclofenacnatrium Retard er uit en wat is de inhoud van de verpakking

 

Diclofenacnatrium Retard betreft een generiek medicijn en wordt daarom door verschillende fabrikanten met verschillende uiterlijke kenmerken op de markt gebracht.