Directly go to the content
Medicatie en ADHD
  • Aandoening

Medicatie en ADHD

Medicatie, begeleiding, voorlichting en voeding spelen een belangrijke rol in de behandeling van ADHD. Deze behandelmethoden kunnen gezamenlijk worden ingezet.

In dit artikel gaan we dieper in op medicatie en ADHD.

Voor – en nadelen van medicatie

Medicatie wordt vaak gebruikt om ADHD te behandelen. Het heeft dan ook veel positieve effecten: bij 80-90% van kinderen met ADHD zorgt het voor een sterke gedragsverbetering. Volwassen ADHD patiënten melden ondermeer dat zij met medicatie meer rust hebben, zichzelf beter kunnen beheersen en stemmingswisselingen beter kunnen relativeren.

Bij de vraag of medicatie een rol moet gaan spelen in de behandeling van ADHD, zullen de voor- en nadelen hiervan tegen elkaar afgewogen moeten worden. De volgende factoren zijn van invloed:

  1. De ernst van de symptomen van ADHD;
  2. De risico’s van wel/ geen medicatie gebruiken;
  3. De mogelijke bijwerkingen en risico’s van de medicatie.

Pas wanneer een arts bovenstaand én de verschillende behandelmethoden met de ADHD patiënt heeft besproken, kan medicatie worden voorgeschreven. Mogelijk is daarbij aanvullend lichamelijk onderzoek nodig.

Verschillende soorten ADHD medicatie

Er zijn 4 soorten ADHD medicatie:

  1. Stimulantia;
  2. Atomoxetine;
  3. TCA, ofwel tricyclische anti depressivum;
  4. Clonidine

Stimulantia

Er bestaan korte,- middellange- en lang werkende stimulantia. Stimulantia werken op basis van de stoffen methylfenidaat of dexamfetamine.
Mogelijke bijwerkingen van stimulantia zijn: hoofdpijn, buikpijn of misselijkheid. Meestal zijn deze klachten tijdelijk. Voorbeelden van bijwerkingen die langer kunnen aanhouden zijn: minder eetlust, inslaapproblemen, rusteloosheid, tics, dwangmatig gedrag en in de war zijn.

Atomoxetine

Atomoxetine is lang werkende, niet-stimulerende AD(H)D medicatie. Het valt daarom niet (zoals stimulantia) onder de Opiumwet. Dit middel moet langzaam opgebouwd worden. Na circa 2-4 weken is het 24 uur per dag werkzaam. Het effect van atomoxetine is voor de kinderen en hun ouders wat minder duidelijk waar te nemen. Dit komt wellicht omdat het zo lang werkt. Mogelijke bijwerkingen van atomoxetine zijn onder andere een verminderde eetlust, hoofdpijn en inslaapproblemen. Daarnaast kunnen de bloeddruk en hartslag verhogen.

TCA

Dit middel is bedoeld ter behandeling van angst en depressie en is nog niet geregistreerd als AD(H)D medicatie, maar blijkt in onderzoeken ADHD symptomen wel te bestrijden. Mogelijke bijwerkingen zoals hoofdpijn, misselijkheid en hartkloppingen zouden alleen tijdens de eerste paar weken van gebruik op te treden.

Clonidine

Clonidine is een bloeddrukverlagend medicijn, dat in lage doseringen effect heeft op AD(H)D symptomen. Het nadeel van Clonidine is dat het minder goed werkt dan andere AD(H) D medicatie en meer bijwerkingen geeft. Dit middel wordt daarom steeds minder vaak voorgeschreven. Een reden om voor deze ADHD medicatie te kiezen is wanneer de patiënt ook last van tics heeft. Mogelijke bijwerkingen van Clonidine zijn ondermeer: slaperigheid, sufheid, duizeligheid bij opstaan en een droge mond.

Bronnen: steunpuntadhd.nl, adhdcentraal, thuisarts.nladhdbehandelcentrum.nlpsych.nl