Ranitidine

Ranitidine

Ranitidine behoort tot de groep van de zogenaamde H2-antagonisten. Deze geneesmiddelen remmen de aanmaak van (overtollig) maagzuur.     Dit geneesmiddel is bestemd voor patiënten die last hebben van zuurbranden of zure oprispingen ten gevolge van te veel maagzuurproductie. Meer info

Kosten product + consult + servicekosten va € 69,50

Belangrijk! Wij bieden zelf geen producten aan, maar bieden de mogelijkheid een behandeling aan te vragen (eventueel met medicijnen).

Mocht u een behandeling met bepaalde medicijnen wensen, dan kunt u die medicijnen bij uw eigen apotheek kopen of aan ons de opdracht geven om dit op uw naam te regelen bij een geregistreerde EU-apotheek. Bij receptplichtige medicijnen regelen wij ook een consult voor u met een echte geregistreerde EU-arts.

1.Wat is Ranitidine 75 mg en waarvoor wordt dit middel gebruikt? 

Ranitidine behoort tot de groep van de zogenaamde H2-antagonisten. Deze geneesmiddelen remmen de aanmaak van (overtollig) maagzuur.  
 
Dit geneesmiddel is bestemd voor patiënten die last hebben van zuurbranden of zure oprispingen ten gevolge van te veel maagzuurproductie.  

2.Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn? 

Wanneer mag u dit middel niet gebruiken? 
U bent allergisch voor één van de stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6. 
 
Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel? 
Neem contact op met uw arts of apotheker voordat u dit middel gebruikt: 
 
Behandeling met een histamine H2-receptorantagonist zoals ranitidine, kan symptomen die gepaard gaan met een maagtumor maskeren en kan hierdoor de diagnose vertragen. Wanneer u een maagzweer heeft of als u een oudere patiënt bent en u heeft nieuwe of onlangs veranderde maagklachten, dan moet uw arts eerst uitsluiten dat u geen kwaadaardig gezwel heeft, voordat een behandeling met ranitidine kan starten. 
 
Als u ooit porfyrie (ziekte die berust op een stoornis in de aanmaak van de rode bloedkleurstof) heeft gehad, moet u ranitidine niet gebruiken.  
 
Als u last heeft van een of meer van de volgende aandoeningen, moet u eerst met uw arts overleggen voordat u ranitidine gaat gebruiken: 
-    als u een (ernstige) verminderde werking van de nieren of lever heeft 
-    als u een oudere patiënt bent en voor het eerst klachten van zuurbranden of zure oprispingen heeft, of als deze klachten sterk veranderd zijn 
-    ouderen, personen met chronische longziektes, diabetes en patiënten met een aangetast immuunsysteem hebben een verhoogd risico op het ontwikkelen van een longontsteking. 
-    als u last heeft van zuurbranden of zure oprispingen en bovendien vanzelf gewicht verliest 
-    als u eerder een maagzweer heeft gehad of als u bepaalde ontstekingsremmende pijnstillers gebruikt (zoals diclofenac, indometacine, ibuprofen) - als u onder regelmatige medische controle staat  
-    als u medicijnen op recept of zonder recept gebruikt.  
 
Gelijktijdig gebruik met andere medicijnen  
Licht altijd uw arts in wanneer u naast dit geneesmiddel nog andere medicijnen gebruikt. Dit geldt ook voor geneesmiddelen die u zonder voorschrift kunt krijgen. Sommige medicijnen kunnen namelijk elkaars werking versterken of verzwakken of mogen om andere redenen niet gelijktijdig gebruikt worden.  
 
Een wisselwerking kan optreden bij gebruik van Ranitidine  met: 
-    Middel bij angststoornissen ( diazepam) 
-    Middel plaatselijke verdoving , een lokaal anaestheticum (lidocaïne) 
-    Middel bij epilepsie (fenytoïne) 
-    Middel bij astma (theofylline ) 
-    Bepaalde geneesmiddelen die de bloedstolling tegengaan (zoals warfarine); de bloedstolling moet regelmatig gecontroleerd worden 
-    Bepaalde middelen gebruikt bij hartritmestoornissen (propanolol, procaïnamide en Nacetylprocaïnamide); de werking van deze geneesmiddelen kan versterkt zijn bij gebruik van hoge doses ranitidine 
-    Geneesmiddelen waarvan de opname in het bloed afhangt van de zuurgraad van de maag. De werking kan versterkt worden voor bepaalde geneesmiddelen (zoals triazolam, midazolam, glipizide) of verminderd worden (zoals ketoconazol, atazanavir, delaviridine, gefitnib). 
-    Bepaalde geneesmiddelen die de maag beschermen tegen maagsap (sucralfaat). Sucralfaat moet twee uur na de inname van ranitidine ingenomen worden. 
 
Zwangerschap en borstvoeding  
Bent u zwanger, denkt u zwanger te zijn, wilt u zwanger worden of geeft u borstvoeding? Neem dan contact op met uw arts of apotheker voordat u dit geneesmiddel gebruikt 
 
Ranitidine passeert de placenta. Tijdens de zwangerschap moet u ranitidine uitsluitend gebruiken indien noodzakelijk, na overleg met uw arts. 
 
Ranitidine gaat over in de moedermelk. Tijdens het geven van borstvoeding moet u ranitidine uitsluitend gebruiken indien noodzakelijk na overleg met uw arts.  
 
Rijvaardigheid en het gebruik van machines 
Er zijn niet voldoende gegevens bekend over de invloed op de rijvaardigheid en de bekwaamheid om machines te bedienen. Ranitidine kan als bijwerking duizeligheid, geestelijke verwardheid en problemen bij het zien veroorzaken. Wanneer u hier last van heeft, moet u hiermee rekening houden bij deelname aan het verkeer of het bedienen van machines.  

3.Hoe gebruikt u dit middel? 

Gebruik dit geneesmiddel altijd precies zoals beschreven in deze bijsluiter of zoals uw arts of apotheker u dat heeft verteld. Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem dan contact op met uw arts of apotheker. 
 
Aanwijzingen voor het gebruik 
U kunt de tabletten het beste met een half glas water innemen.  
 
Dosering 
De aanbevolen dosering is:  
Volwassenen 
Als u klachten heeft: overdag of ’s nachts 1 tablet. Ranitidine heeft een langdurige werking die ongeveer een half uur na inname begint. De werking is 2 uur na inname maximaal en kan tot 12 uur aanhouden. Meestal zijn 1 of 2 tabletten per dag voldoende. 
Maximaal 4 tabletten per dag. Neem niet meer dan de aanbevolen dosering. 
 
Gebruik bij kinderen 
Ranitidine is niet bestemd voor kinderen jonger dan 16 jaar. 
 
Verminderde nierfunctie 
Als de werking van uw nieren verminderd is, moet u vóór gebruik met uw arts overleggen of de dosering moet worden aangepast. 
 
Wanneer uw klachten langer dan 14 dagen aanhouden of terugkeren, dient u uw arts te raadplegen.  
 
Heeft u te veel van dit middel ingenomen? 
Ranitidine werkt erg specifiek en er worden geen bijzondere problemen verwacht bij een overdosering van ranitidine. Als u een overdosering vermoedt, moet u een arts raadplegen.  
 
Bent u vergeten dit middel in te nemen? 
Als u vergeten bent een dosis in te nemen, moet u dit zo snel mogelijk alsnog doen. Wanneer de tijd tot de volgende dosis korter is dan de tijd tot aan de vergeten dosis, hoeft u niets te doen. U kunt dan beter de vergeten dosering overslaan. 
Neem geen dubbele dosis om een vergeten dosis in te halen.

4.Mogelijke bijwerkingen

Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken.  
Bij de beoordeling van bijwerkingen worden de volgende frequenties gehanteerd. 
 
Zeer vaak:      bij meer dan 1 op de 10 patiënten 
Vaak:      bij minder dan 1 op de 10 maar meer dan 1 op de 100 patiënten 
Soms      bij minder dan 1 op de 100 maar meer dan 1 op de 1.000 patiënten 
Zelden      bij minder dan 1 op de 1.000 maar meer dan 1 op de 10.000 patiënten 
Zeer zelden     bij minder dan 1 op de 10.000, inclusief uitzonderlijke gevallen 
Niet bekend     kan met beschikbare gegevens niet worden bepaald 
 
Lever- en galaandoeningen 
Zelden: voorbijgaande omkeerbare veranderingen van de leverfunctietesten. 
Zeer zelden: hepatitis (leverontsteking) met of zonder geelzucht (gele verkleuring van de huid of het oogwit). In de meeste gevallen verdwenen deze bijwerkingen na het stoppen van de behandeling. 
 
Maagdarmstelselaandoeningen 
Soms: buikpijn , obstipatie (verstopping), misselijkheid. In de meeste gevallen verbeteren deze symptomen bij voortzetting van de behandeling. 
Zeer zelden: acute pancreatitis (ontsteking van de alvleesklier, met als verschijnselen heftige pijn in de bovenbuik uitstralend naar de rug, misselijkheid en braken), diarree. 
 
Bloed- en lymfestelselaandoeningen 
Zeer zelden: omkeerbare wijzigingen in hoeveelheid bloedcellen (bloedafwijking met als verschijnselen blauwe plekken en bloedingsneiging (trombocytopenie) en bloedafwijking die zich uit in verhoogde gevoeligheid voor infecties (leukopenie)), zeer ernstige bloedafwijking met plotselinge hoge koorts, heftige keelpijn en zweertjes in de mond (agranulocytose), abnormaal aantal van alle typen bloedcellen door een verminderde werking van het beenmerg (pancytopenie). 
 
Immuunsysteemaandoeningen 
Zelden: overgevoeligheidsreacties (b.v. urticaria (huiduitslag met hevige jeuk (galbulten of netelroos)), angioneurotisch oedeem (plotselinge vochtophoping in de huid en slijmvliezen (bijv.keel of tong), ademhalingsmoeilijkheden en/of jeuk en huiduitslag), koorts, bronchospasme (benauwdheid door kramp van de spieren van de luchtwegen), verlaagde bloeddruk en pijn op de borst. 
Zeer zelden: anafylactische shock (ernstige allergische reactie voor bepaalde stoffen, waarbij sterke daling van de bloeddruk, bleekheid, onrust, zwakke snelle pols, klamme huid en verminderd bewustzijn optreden als gevolg van een plotselinge, sterke vaatverwijding).  
Niet bekend: dyspneu (kortademigheid) 
Deze reacties traden soms op na een enkele dosis.  
 
Zenuwstelselaandoeningen 
Zeer zelden: hoofdpijn (soms ernstig), duizeligheid, omkeerbare onwillekeurige bewegingsstoornissen. 
 
Psychische stoornissen 
Zeer zelden: omkeerbare geestelijke verwardheid, depressie en hallucinaties (waarnemingen van dingen die er niet zijn). Voornamelijk bij ernstig zieke en/of oudere patiënten of bij patiënten met nefropathie (nieraandoening) gemeld. 
 
Hartaandoeningen 
Zeer zelden: langzame of onregelmatige hartslag, en tachycardie (snel of onregelmatig kloppen van het hart). 
 
Oogaandoeningen 
Zeer zelden: wazig zien (dit verdween meestal nadat de behandeling met ranitidine werd stopgezet). Er zijn meldingen van wazig zien die een accommodatiestoornis (wanneer u moeite heeft met het scherpstellen van dichtbij) suggereren. 
 
Voortplantingsstelsel- en borstaandoeningen 
Zeer zelden: omkeerbare impotentie, borstsymptomen en borstaandoeningen zoals galactorroe (melkafscheiding)..  
(melkafscheiding). 
 
Huid- en onderhuidaandoeningen
Zelden: huiduitslag. 
Zeer zelden: erythema multiforme (huiduitslag met onregelmatige rode vlekken) en alopecia (haaruitval). 
 
Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen 
Zeer zelden: arthralgie (gewrichtspijn), myalgie (spierpijn). 
 
Nier- en urinewegaandoeningen 
Zelden: stijging van de plasmacreatinine waarden (meestal licht en normaliserend tijdens voortgezette behandeling). 
Zeer zelden: acute interstitiële nefritis (ontsteking van de nieren). 
 
Bloedvataandoeningen 
Zeer zelden: vasculitis (ontsteking van een of meerdere bloedvaten). 
 
Kinderen en jongeren tot 18 jaar 
De veiligheid van ranitidine is beoordeeld bij kinderen van 0-16 jaar met aan maagzuur gerelateerde aandoeningen. Het middel werd door hen in het algemeen goed verdragen. Het profiel van bijwerkingen is vergelijkbaar met dat van volwassenen. Er zijn slechts beperkte lange termijn veiligheidsgegevens beschikbaar, voornamelijk op het gebied van groei en ontwikkeling. 

5.Hoe bewaart u dit middel?

Buiten het zicht en bereik van kinderen houden 
Bewaren in de oorspronkelijke verpakking ter bescherming tegen licht en vocht. Bewaren beneden 25ºC (douche en keuken zijn dus ongeschikt). 
 
Gebruik dit geneesmiddel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum.  
Die is te vinden op het doosje en de doordrukstrips na EXP. Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste houdbaarheidsdatum.  
  
U kunt eventueel niet gebruikte tabletten bij uw apotheek inleveren ter vernietiging.  

6. Inhoud van de verpakking en overige informatie

Welke stoffen zitten er in dit middel? 
- De werkzame stof in dit middel is ranitidinehydrochloride, overeenkomend met 75 mg ranitidine.  - De andere stoffen (hulpstoffen) in dit middel zijn: microkristallijne cellulose, magnesiumstearaat, hydroxypropylmethylcellulose en titaandioxide (E 171). 
 
Hoe ziet Ranitidine  75 mg eruit en hoeveel zit er in een verpakking? 
Overtuig u ervan dat u het juiste geneesmiddel gebruikt: De tabletten zijn wit en rond.       
 
De tabletten zijn verkrijgbaar in polyamide/alu/PVC / alu blisters en verpakt in 4, 6, 10, 12, 20, 24, 30 en 60 tabletten in een kartonnen doosje of in een PE zakje. 
Niet alle genoemde verpakkingsgrootten worden in de handel gebracht. 

Ranitidine 150 en 300 mg

1.Waarvoor wordt dit middel gebruikt? 

Ranitidine  filmomhulde tabletten is een geneesmiddel dat op het maagdarmkanaal werkt (een geneesmiddel voor de behandeling van aandoeningen van het maagdarmkanaal). Het bevat ranitidine. Het behoort tot de groep van de zogenaamde histamine H2-antagonisten, die de maagzuurproductie remmen.  
 
Ranitidine  filmomhulde tabletten worden gebruikt voor de behandeling van aandoeningen aan de maag en de twaalfvingerige darm, waarbij een vermindering van de maagzuurproductie vereist is: 
-    Darmzweer. 
-    Goedaardige maagzweer. 
-    Langdurige behandeling van darmzweren (alleen 150 mg). 
-    Reflux-oesofagitis (ontsteking van de slokdarm als gevolg van terugvloeiing van de maaginhoud). 
-    Zollinger-Ellison-syndroom (een ziekte waarbij de maag te veel zuur produceert).  
  
Ranitidine  filmomhulde tabletten worden gebruikt voor kinderen van 3-18 jaar: 
•    Korte-termijnbehandeling van maagzweren. 
•    Behandeling van zure oprispingen, inclusief ontstoken slokdarm door oprispingen, en verlichting van de symptomen van gastro-oesofageale reflux-ziekte. 

2.Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn? 

Wanneer mag u dit middel niet gebruiken? 
-    U bent allergisch voor een van de stoffen die in dit geneesmiddel zitten. Deze stoffen kunt u vinden onder rubriek 6. 
 
Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel? 
-    Als u een verminderde nierfunctie hebt; het kan nodig zijn om een lagere dosis te nemen (zie rubriek 3: 
“Hoe gebruikt u dit middel?”). 
-    Als u een ernstig verminderde leverfunctie heeft. 
-    Maagzweren of zweren van de twaalfvingerige darm kunnen worden veroorzaakt door een bepaalde bacterie, de Helicobacter pylori. Uw arts kan daarom ook geneesmiddelen voorschrijven die in staat zijn om deze bacterie te doden (antibiotica). 
-    Als u ooit aanvallen hebt gehad van een ziekte die de productie van rode bloedlichaampjes stoort (porfyrie, een ernstige ziekte met onder andere de volgende symptomen: overgevoeligheid voor licht, verlamming en hevige buikpijn), omdat ranitidine heel zelden een aanval van porfyrie kan uitlokken. 
-    Als u onbedoeld gewicht verliest vanwege een gestoorde spijsvertering. 
-    Als u van middelbare leeftijd of ouder bent en voor de eerste keer maagklachten krijgt of als de symptomen in de laatste tijd veranderd zijn, raadpleeg dan uw arts of apotheker.  
-    Als u een longziekte, diabetes of hartfalen hebt of als u een immuundeficiëntie hebt (een stoornis in uw immuunsysteem). Uit één onderzoek is gebleken dat mensen die H2-receptorantagonisten gebruiken, een groter risico lopen op longontsteking. 
 
Raadpleeg uw arts als één van de bovenstaande waarschuwingen voor u van toepassing is, of dat in het verleden is geweest.  
 
Gebruikt u nog andere geneesmiddelen? 
Gebruikt u naast Ranitidine  150 mg, filmomhulde tabletten of Ranitidine . 300 mg, filmomhulde tabletten nog andere geneesmiddelen, of heeft u dat kort geleden gedaan of bestaat de mogelijkheid dat u in de nabije toekomst andere geneesmiddelen gaat gebruiken? Vertel dat dan uw arts of apotheker. Dat geldt ook voor geneesmiddelen waar u geen voorschrift voor nodig heeft.  
 
Neem deze tabletten niet tegelijkertijd in met de volgende geneesmiddelen: 
-    Als tijdens de behandeling met ranitidine het gebruik van erlotinib wordt overwogen, moet dit gespreid worden gedoseerd; erlotinib moet minstens 2 uur vóór of 10 uur na de dosis ranitidine worden toegediend. Het kan zijn dat op lange termijn de absorptie van cyanocobalamine na toediening met ranitidine wordt geremd, wat vitamine B12-gebrek tot gevolg heeft. 
-    Als u dit geneesmiddel tegelijkertijd met theofylline gebruikt (een middel voor de behandeling van astma); de dosering van theofylline moet mogelijk worden aangepast. 
-    Voorzichtigheid moet worden betracht bij gelijktijdig gebruik met atazanavir of delaviridine voor de behandeling van hiv-infectie, of gefitnib voor longkanker.  
-    Lidocaïne, een plaatselijk verdovingsmiddel. 
-    Propranolol, procaïnamide of n-acetylprocaïnamide, voor hartproblemen. 
-    Diazepam, voor piekeren en angstproblemen. 
-    Fenytoïne, voor epilepsie. 
-    Warfarine, om uw bloed te verdunnen. 
-    Antacida en sucralfaat (een ander middel voor de behandeling van aandoeningen als maag- en darmzweren); gelijktijdig gebruik kan de absorptie van ranitidine in het bloed verminderen (waardoor het middel minder effectief wordt). Daarom moeten deze middelen 2 uur na de dosis ranitidine worden ingenomen. 
-    Als u niet-steroïdale anti-inflammatoire pijnstillers inneemt (NSAIDs, zoals aspirine). 
-    Middelen waarbij de opname in het bloed afhangt van de hoeveelheid zuur in de maag; omdat ranitidine invloed heeft op de zuurgraad in de maag, kan de opname van dit soort stoffen in het bloed (en dus de werking ervan) veranderd zijn.  Dit kan een verhoogde opname tot gevolg hebben van bijv. triazolam, midazolam (om u te helpen slapen en/of angst te verminderen) of glipizide (een middel om de bloedsuikerspiegel te verlagen), of een verlaagde opname van bijv. ketoconazol, itraconazol en posaconazol (geneesmiddelen voor de behandeling van schimmelinfecties). 
 
Waarop moet u letten met eten, drinken en alcohol? 
Het effect van kleine hoeveelheden alcohol kan intensiever worden als u tegelijkertijd ranitidine gebruikt. De tabletten kunnen met of zonder voedsel worden ingenomen. 
 
Zwangerschap, borstvoeding en vruchtbaarheid 
 
Zwangerschap 
Als u zwanger bent of zwanger wilt worden of borstvoeding geeft, moet u uw arts of apotheker raadplegen. Er zijn tot op heden geen nadelige gevolgen waargenomen over het gebruik van ranitidine tijdens de zwangerschap. Neem contact op met uw arts of apotheker voordat u geneesmiddelen gebruikt. Ranitidine dient tijdens de zwangerschap alleen te worden gebruikt indien het noodzakelijk wordt geacht. 
 
Borstvoeding 
Ranitidine gaat over in de moedermelk. Het is niet bekend of dit effecten heeft op de zuigeling. Daarom wordt  borstvoeding afgeraden als u dit geneesmiddel gebruikt.  Vraag uw arts of apotheker om advies. 
 
Rijvaardigheid en het gebruik van machines 
Ranitidine heeft geen of verwaarloosbare invloed op het vermogen om voertuigen te besturen en machines te gebruiken.  
 
Ranitidine  150 mg, filmomhulde tabeltten en Ranitidine  300 mg, filmomhulde tabletten bevatten ricinusolie Dit kan maagklachten en diarree veroorzaken. 

3.Hoe gebruikt u dit middel? 

Gebruik dit geneesmiddel altijd precies zoals uw arts of apotheker u dat heeft verteld. Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem dan contact op met uw arts of apotheker. 
 
Dosering en wijze van toediening 
Neem de tabletten in met een beetje water. Het is niet noodzakelijk de tabletten in te nemen bij de maaltijden. 
 
Als u één keer per dag een dosis ranitidine moet nemen, kunt u dat het beste ’s avonds voor het slapengaan doen. Als u tweemaal per dag een dosis neemt, moet u ranitidine ’s morgens en ’s avonds innemen. 
 
De aanbevolen dosering is: 
 
Volwassenen: (inclusief ouderen) / adolescenten (12 jaar en ouder) 
 
Darmzweer of goedaardige maagzweer: 
2 Ranitidine  150 mg, filmomhulde tabletten (= 300 mg ranitidine) per dag (= 24 uur), in 1 keer na het avondeten of ’s avonds voor het slapen gaan, of in 2 keer, dus 150 mg bij het ontbijt en 150 mg ’s avonds voor het slapen gaan. De behandeling duurt 4 weken, maar kan verlengd worden tot 8 weken. 
 
Langdurige behandeling van zweren in de twaalfvingerige darm, patiënten met terugkerende zweren: 
1 Ranitidine  150 mg, filmomhulde tablet per dag (= 24 uur), ’s avonds voor het slapen gaan. De behandeling duurt 12 maanden of minder, volgens aanwijzingen van de arts.  
 
Ontsteking van de slokdarm door oprisping van maagzuur (reflux-oesofagitis): 
Twee Ranitidine  150 mg, filmomhulde tabletten (= 300 mg ranitidine) per dag (= 24 uur), in een enkele dosis na de avondmaaltijd of ’s avonds voor het slapengaan. Zo nodig kunnen de tabletten in 2 keer ingenomen worden, dus 150 mg bij het ontbijt en 150 mg ’s avonds voor het slapengaan. De behandeling duurt 8 weken. 
 
Zollinger-Ellison-syndroom (een ziekte waarbij de maag te veel zuur produceert): 
Startdosering: Eén Ranitidine  150 mg, filmomhulde tablet driemaal per dag (= 24 uur). Zo nodig kan de dosis worden verhoogd tot 600-900 mg (4-6 tabletten) per dag (= 24 uur). Duur van de behandeling: volg de aanwijzingen van uw arts. 
 
Patiënten met een verminderde nierfunctie: 
De dosis zal door uw arts worden verlaagd, afhankelijk van de mate waarin de werking van uw nieren is verminderd. 
 
Kinderen van 3 tot 11 jaar met een gewicht van meer dan 30 kg 
 
Voor kinderen zal de arts de juiste dosering bepalen op basis van het lichaamsgewicht. 
 
De behandeling van maag- of darmzweren: 
De gebruikelijke dosering is 2 mg per kg lichaamsgewicht, tweemaal per dag gedurende vier weken. Deze dosis kan tot tweemaal per dag 4 mg per kg worden verhoogd. Er moet ongeveer 12 uur zitten tussen de innamen. De duur van de behandeling kan worden verlengd tot 8 weken.  
 
Behandeling van zuurbranden vanwege te veel maagzuur: 
De gebruikelijke dosering is 2,5 mg per kg lichaamsgewicht, tweemaal per dag gedurende twee weken. Deze  dosis kan tot tweemaal per dag 5 mg per kg worden verhoogd. Er moet ongeveer 12 uur zitten tussen de innamen. 
 
Neonaten 
De veiligheid en werkzaamheid bij pasgeborenen is niet vastgesteld. 
 
Als u merkt dat Ranitidine  filmomhulde tabletten te sterk of juist te weinig werken, raadpleeg dan uw arts of apotheker. 
 
Heeft u te veel van dit middel ingenomen? 
Als u meer dan de voorgeschreven dosering heeft ingenomen, neem dan onmiddellijk contact op met uw arts of ga naar de Eerste Hulp afdeling van het dichtstbijzijnde ziekenhuis. 
 
Bent u vergeten dit middel in te nemen? 
Wanneer u een dosis hebt gemist, neem die dan zo snel mogelijk alsnog in. Als het echter bijna tijd is voor de volgende dosis, sla dan de gemiste dosis over en ga verder met uw normale doseringsschema. Neem geen dubbele dosis om een vergeten dosis in te halen. Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem dan contact op met uw arts of apotheker. 
 
Als u stopt met het gebruik van dit middel 
Als u plotseling stopt met het gebruik van dit geneesmiddel, kunnen de symptomen die u vóór de behandeling had, weer terugkeren. 
 
Heeft u nog andere vragen over het gebruik van dit geneesmiddel? Neem dan contact op met uw arts of apotheker. 

4.Mogelijke bijwerkingen 

Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken. 
 
Sommige mensen kunnen allergisch zijn voor sommige geneesmiddelen. Als u een van de volgende bijwerkingen krijgt, vertel dat dan onmiddellijk aan uw arts of verpleegkundige: 
•    ernstige jeuk op de huid, uitslag of galbulten op de huid 
•    zwelling van handen, voeten, enkels, gezicht, lippen, tong, mond of keel, wat slikproblemen of ademhalingsproblemen kan veroorzaken. 
•    beklemd gevoel op de borst, kortademigheid, piepende ademhaling of ademhalingsmoeilijkheden 
•    plotselinge koorts 
•    flauwvallen 
•    duizeligheid, vooral als u gaat staan 
•    nierklachten die kunnen leiden tot rugpijn, koorts, pijn bij urineren, bloed in de urine en veranderingen bij bloedonderzoeken 
•    ernstige maagpijn; dit kan een teken zijn van een aandoening die pancreatitis wordt genoemd. 
•    een langzame of onregelmatige hartslag 
 
 
Vertel het uw arts als u een van de volgende bijwerkingen opmerkt: 
Soms: (kan voorkomen bij maximaal 1 op de 100 mensen) 
•    buikpijn 
•    constipatie 
•    misselijkheid 
 
Zelden: (kan voorkomen bij maximaal 1 op de 1000 mensen) 
•    huiduitslag 
 
Bijwerkingen die zelden voorkomen en worden aangetoond door middel van bloedonderzoek: 
•    verhoging van de creatinineconcentratie in het bloed (nierfunctietest) • veranderingen in de leverfunctie 
 
Zeer zelden: (kan voorkomen bij maximaal 1 op de 10.000 mensen) 
•    depressie 
•    verwardheid, hallucinaties (voornamelijk gemeld bij ernstig zieke of bij oudere patiënten of bij patiënten met nieraandoeningen) 
•    bloedaandoeningen die ongewone vermoeidheid, kortademigheid, meer infecties dan normaal en sneller blauwe plekken tot gevolg kan hebben 
•    tijdelijke ongecontroleerde bewegingen  
•    hartproblemen (traag of onregelmatig hartritme) 
•    ontsteking van de bloedvaten, wat rode gebieden op de huid en plaatselijke pijn en gevoeligheid tot gevolg kan hebben 
•    hoofdpijn (soms ernstig), duizeligheid 
•    diarree 
•    tijdelijk wazig zicht 
•    ontsteking van de pancreas (wat ernstige buikpijn tot gevolg kan hebben) 
•    leverproblemen, wat geelzucht (gele verkleuring van de huid en het oogwit) tot gevolg kan hebben 
•    rode vlekken of bulten op de huid, haaruitval 
•    pijn in de gewrichten of spieren 
•    nierproblemen, die een verandering tot gevolg kan hebben in de hoeveelheid die u plast en de kleur van uw urine 
•    als u een man bent, impotentie wat normaal gesproken omkeerbaar is, gevoeligheid in de borsten, afscheiding uit de borsten en/of vergroting van de borsten 
Veel van deze bijwerkingen zijn omkeerbaar en verdwijnen als de behandeling met ranitidine wordt stopgezet. 
 
Niet bekend (de frequentie kan niet op basis van de beschikbare gegevens worden geschat) 
• kortademigheid 

5.Hoe bewaart u dit middel? 

Buiten het zicht en bereik van kinderen houden. 
 
Gebruik dit geneesmiddel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die is te vinden op de doos en de doordrukstrip na EXP. Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste houdbaarheidsdatum.  
 
Voor dit geneesmiddel zijn er geen speciale bewaarcondities. 
             
Spoel geneesmiddelen niet door de gootsteen of de WC en gooi ze niet in de vuilnisbak. Vraag uw apotheker wat u met geneesmiddelen moet doen die u niet meer gebruikt. Ze worden dan op een verantwoorde manier vernietigd en komen niet in het milieu terecht. 

6.Inhoud van de verpakking en overige informatie 

Welke stoffen zitten er in dit middel? 
 
De werkzame stof in dit middel is ranitidine. 
Voor 150mg: Elke tablet bevat 167,5 mg ranitidinehydrochloride overeenkomend met 150mg ranitidine. Voor 300mg: Elke tablet bevat 335,0 mg ranitidinehydrochloride overeenkomend met 300mg ranitidine. 
 
De andere stoffen in dit middel zijn: 
Tabletkern: 
microkristallijne cellulose (E460), croscarmellose natrium (E468), colloïdaal watervrij siliciumdioxide (E551), gezuiverd talk (E553b), magnesiumstearaat (E572).  Tabletomhulling: hypromellose (E464), ricinusolie, titaandioxide (E171), geel ijzeroxide (E172), gezuiverd talk (E553b).  
 
Hoe zien Ranitidine  150 mg, filmomhulde tabletten en Ranitidine  300 mg, filmomhulde tabletten eruit en hoeveel zit er in een verpakking? 
 

Ranitidine  150 mg, filmomhulde tabletten zijn crème-gele ronde, dubbelbol filmomhulde tabletten met een diameter van ongeveer 10 mm, met de opdruk ‘IL’ op de ene kant en geen opdruk op de andere kant.  
 
Ranitidine  300 mg, filmomhulde tabletten zijn crème-gele ronde, dubbelbol filmomhulde tabletten met een diameter van ongeveer 12.5 mm, met de opdruk ‘II’ op de ene kant en geen opdruk op de andere kant. 
 
Ranitidine 150 mg en 300 mg tabletten zijn verpakt in aluminium doordrukstrips met 10 tabletten.  
Ranitidine 150 mg filmomhulde tabletten worden geleverd in verpakkingen van 30,60 en 100 tabletten.  
Ranitidine 300 mg filmomhulde tabletten worden geleverd in verpakkingen met 10,30,60 en 100 tabletten.  
 
Niet alle genoemde verpakkingsgrootten worden in de handel gebracht.