Directly go to the content

Osteoporose behandeling

Osteoporose behandeling

Osteoporose (botontkalking) is niet te genezen. Wel zijn er behandelingen die het botontkalkingproces kunnen stoppen of vertragen, waardoor het risico op symptomen (zoals het inzakken van ruggenwervels, botbreuken en pijn) wordt verkleind. De behandeling van osteoporose heeft dan ook drie speerpunten:

  1. Verder botverlies tegengaan;
  2. Botbreuken voorkomen;
  3. Pijnbestrijding (indien nodig).
     

Twee behandelvormen

Osteoporose is een aandoening, waarbij botten langzaam aan steeds meer botmassa (kalk en mineralen) en structuur verliezen. Hierdoor worden botten steeds poreuzer en fragieler. Om verder botverlies tegen te gaan en botbreuken te voorkomen, zijn er twee vormen van behandelingen mogelijk. De ene behandelvorm betreft leef- en voedingsgewoonten. De andere betreft medicatie. Over het algemeen worden deze manieren van behandeling gecombineerd.

leef- en voedingsgewoonten

Bewegen, dagelijks naar buitengaan en gezonde voeding met voldoende kalk zijn erg belangrijk om botontkalking tegen te gaan.

  1. Beweging is noodzakelijk omdat dit de botten belast, waardoor het lichaam zelf werkt aan de verbetering van de botstructuur en botmassa. Vormen van beweging waarbij de botten voldoende worden belast, zijn bijvoorbeeld traplopen, wandelen, hardlopen, tennissen, teambalsporten, gymnastiek, dansen en touwtje springen;
     
  2. Qua voeding moet vooral gelet worden op voldoende calcium inname. Bij de aanmaak van nieuw botmateriaal is calcium immers nodig. Bovendien moet het calciumgehalte in het bloed op peil worden gehouden om te voorkomen dat het lichaam calcium aan botten ontrekt om een tekort in het bloed aan te vullen. Daarbij wordt de afbraak van bot enigszins afgeremd wanneer er voldoende calcium in het bloed zit. Dit remt immers de afgifte van bijschildklierhormoon (PTH) en PTH stimuleert botafbraak.
     
  3. De aanbevolen dagelijkse dosis calcium voor osteoporose patiënten is hoger dan voor leeftijdsgenoten zonder osteoporose: 1200mg. Calcium zit onder andere in zuivel (o.a. melk, yoghurt, kwark en karnemelk)maar als deze hoeveelheid uit het nuttigen van zuivelproducten gehaald moet worden, zou men erg veel zuivel moeten eten en/of drinken;
     
  4. Vitamine D is ook erg belangrijk voor botopbouw. Vitamine D zorgt er namelijk voor dat calcium uit voeding in het bloed kan worden opgenomen en in de botten terechtkomt. Bij onvoldoende vitamine D blijft het merendeel van de calcium die we binnenkrijgen in het voedsel zitten en verlaat het lichaam via de ontlasting. Ongeveer een derde van onze vitamine D-behoefte krijgen we binnen via voeding. Het zit onder andere in zuivelproducten, eieren, vette vis (haring, makreel en kabeljauwlever) en vlees. De rest van onze vitamine D-behoefte maakt ons lichaam zelf aan via zonlicht op de huid. 15 tot 30 minuten in de buitenlucht (met onbedekt gezicht en handen) is in principe voldoende. Mensen met een donkere huidskleur of wie nauwelijks (onbedekt) buitenkomt, kunnen behoefte hebben aan extra vitamine D. Ook kan een vitamine D-preparaat worden voorgeschreven als onderdeel van de behandeling van osteoporose. De voorkeur gaat dan uit naar een preparaat dat uitsluitend vitamine D bevat in plaats van een combinatie met vitamine A. Bij hogere doseringen heeft vitamine A namelijk een ongunstige uitwerking op het bot;
     
  5. Niet roken. De exacte rol van roken bij osteoporose is nog niet wetenschappelijk vastgesteld. Uit onderzoek is echter naar voren gekomen dat roken bijdraagt aan zwakkere botten;
     
  6. Matig alcoholgebruik, cafeïne en zout. Overmatig alcoholgebruik (meer dan twee glazen per dag) bevordert bontontkalking omdat het de opname van calcium remt en slecht is voor de lever (die een belangrijke rol speelt in de activering van vitamine D). Daarbij verhoogt het de uitscheiding van calcium. Hoog zoutgebruik en cafeïne (in koffie, thee, chocolade en sommige frisdranken) verhogen ook de uitscheiding van calcium.

Botbreuken voorkomen

De bovengenoemde vormen van behandelingen kunnen botbreuken voorkomen omdat hierdoor het proces van botverlies wordt tegengegaan en zelfs de botkwaliteit (licht) kan verbeteren.

Daarnaast dient de kans op vallen zoveel mogelijk verkleint te worden. Botbreuken bij osteoporose zijn immers vaak het gevolg van een val.
De volgende maatregelen kunnen het risico op vallen verkleinen: het verwijderen van losliggende matjes en elektriciteitssnoeren, voldoende loopruimte in huis creëren, zorgen voor stroeve vloerbekleding of het dragen van stroef schoeisel, zorgen voor stabiele meubels in huis (waarop geleund kan worden zonder dat ze omvallen), zorgen voor een goed verlicht in huis, het afzetten van de leesbril wanneer men gaat lopen en het doen van balans- en krachttrainingen.

Pijnbestrijding

Pijn bij osteoporose kan het directe gevolg zijn van een botbreuk of wervelverzakking. Ook kan als gevolg hiervan chronische pijn ontstaan omdat zenuwen klem komen te zitten of spieren pijn gaan doen door een veranderde houding of een ander looppatroon.

Bij behandeling van pijn kunnen pijnstillers worden voorgeschreven en/ of fysiotherapie en ergotherapie worden ingezet. Bij bepaalde wervelbreuken kan de behandeling uit ‘vertebroplastiek’ bestaan. Hierbij plaatst de arts één of twee naalden door de rug heen, in de ingezakte wervel en spuit een beetjes ‘cement’ in. Hierdoor wordt de stevigheid van de ingezakte wervel hersteld.